Rinus Kiel over Bijbel, cultuur en wetenschap

Reageren? Zie home-page                                                                                

======================================================

Home
Site-map
Updates
Deze site + mijzelf
Bijbel en theologie
Israel - volk en land
Filosofische items
Denken en cultuur
Wetenschap
Actualiteiten
Klimaat
Presentaties
Boeken
Weblinks

(Actualiteiten)

Up David/Salomo Abortus/euthanasie Homohuwelijk Terrorisme Fundamentalisme Palestijnen Religie en Geweld Arabische Stem Fatima

Een Arabische stem naar aanleiding van de "Mohammed-cartoons"

Nieuw 24/02/2006

Zoek op deze website

Hieronder drie stukken van de hand van de Egyptische schrijfster Nonie Darwish,

die nu in de Verenigde Staten woont en werkt,

met achtergrondinformatie die erg nuttig is voor de beoordeling van de cartoon-commotie

  1. Inleiding bij haar website (opgeheven, thans Arabs for Israel)

  2. Haar levensverhaal

  3. Over de Arabische/moslim haat-cultuur

1.  Inleiding bij de haar website (opgeheven, thans Arabs for Israel)

Nonie Darwish zegt waar het op staat

Copyright (©) 2004 Nonie Darwish 

    Eerlijke en diepgravende analyse van actuele onderwerpen betreffende cultuur en politiek in het Midden-Oosten vanuit het gezichtspunt van een vrouw afkomstig uit dat gebied. De bedoeling is niet het kritiseren van de Islamitische godsdienst, maar het bewerken van begrip voor het Midden-Oosten en het bemoedigen van Arabieren en moslims om open dialoog aan te gaan met wederzijds respect, zonder angst, onderdrukking of vergelding. Een godsdienst wordt beoordeeld naar het gedrag van de mensen die hem in praktijk brengen. Het is aan de moslims/Arabieren om te beslissen of zij internationaal respect of internationale vrees voor hun godsdienst nastreven. Er is een grote zwijgzaamheid van de zijde van Arabieren/moslims na 9/11 en weinig verontwaardiging. Mevr. Darwish schaamt zich niet om haar teleurstelling en boosheid uit te spreken over wat werd teweeggebracht door de cultuur waarin zij opgroeide. Dit is geen ontrouw aan, maar liefde voor de cultuur waaruit zij voortkomt. Zij is zich er van bewust dat velen in het Midden-Oosten en moslims in Amerika nog veel eerlijk zelfonderzoek moeten doen. Velen moeten de omvang van de weerzinwekkende gebeurtenissen van 9/11 nog erkennen, en stoppen met het ontkennen van de Arabische/Islamitische verantwoordelijkheid daarvoor. Mevr. Darwish koestert haar Midden-Oosten achtergrond, maar zij wil Amerika en zijn constitutie verdedigen zoals alle Amerikaanse burgers zouden moeten doen. Ze neemt haar eed van trouw aan de Amerikaanse vlag serieus. Nonie Darwish is een schrijfster, vroeger redacteur/uitgever en vertaler. Ze werd geboren en is opgevoed in het Midden-Oosten en woonde ruim twee decennia in de Verenigde Staten. Ze is getrouwd en heeft drie kinderen.

Nonie spreekt regelmatig op universiteiten en andere bijeenkomsten. Voor boekingen en andere informatie kunt U contact opnemen met nonie@arabsforisrael.com.

Links naar andere websites:

ArabsForIsrael.com

FrontPageMag.com

JihadWatch.org

middle-east-info.org

2.  Levensverhaal van Nonie Darwish

De dochter van een Arabische strijder vertelt haar verhaal

    Ik hoop dat mijn geschiedenis de waarheid over het Midden-Oosten in het juiste licht kan stellen voor iedere Amerikaan [en uiteraard ook iedere Nederlander of Belg, die dit leest, vert.], speciaal voor diegenen die het onjuiste idee aanhangen dat het de Amerikaanse politiek in die regio is, die de Islamitische en Arabische haat tegen het Westen heeft veroorzaakt.

     Mijn vader, die geen Palestijn was, was een prominente militaire officier in het Midden-Oosten, ik zal om persoonlijke redenen het land niet noemen. Zijn opdracht was om Palestijnse strijders op Israëls grondgebied te infiltreren en daar zoveel mogelijk dood en verderf te veroorzaken. Ik herinner me nog, als een klein kind in de 1950-er jaren, de ontzetting die ik voelde toen men mij vertelde dat ik geen snoep of fruit van welke vreemdeling ook zou mogen aannemen, omdat er een bom in zou kunnen zitten. Ons huis was omringd met beveiliging, enkele malen werd een treinreis geannuleerd omdat de rails gebombardeerd waren. Ik herinner me dat we ’s nachts onder het bed sliepen, uit vrees voor het geluid van bommen en explosies.

     Ik herinner me dat we naar een Palestijnse kleuterschool gingen, het woord Jood bracht geleidelijk aan panische angst en vrees in de kern van mijn bestaan. Een Jood werd afgeschilderd als minder dan menselijk, een hond, een door en door slechte buitenaardse vreemdeling, die erop uit was om de wereld te vernietigen. Joden, zo zei men, hadden geen thuis, omdat ze door God vervloekt waren, en de hoofdopdracht van de Islam was om de wereld van Joden te ontdoen. Ik herinner me dat ik een keer als klein kind op een Palestijnse school vroeg:”waarom”? Het antwoord was dat ik een verrader was door zo’n vraag te stellen en naar de hel zou gaan, en voor de rest van die dag spraken de meisjes op school niet meer met mij. De opvoeding was hoofdzakelijk politiek, de kinderen werd geleerd Israël te haten. Elke dag werden er Palestijnse gedichten gereciteerd, die de kinderen tranen in de ogen brachten; zij beschreven hoe Palestina van hen was afgepakt en hoe zij wraak zullen nemen en zelfs sterven om het terug te krijgen.

    Ondanks deze stemming werd in mijn eigen familie – die niet Palestijns was – niet over deze haat gesproken. Voor mijn moeder, en ik denk ook voor mijn vader (die ik mij nauwelijks herinner) was zijn job zijn plicht, niets meer en niets minder, en ik geloof niet dat hij het echt fijn vond. Mijn moeder zei dat hij misselijk werd van zijn werk, en dat hem was beloofd dat hij op een andere post zou kunnen gaan werken, een plek waar hij en zijn gezin niet steeds op het scherp van de snede zouden moeten leven. Twee weken voor zijn overplaatsing werd hij in een vergeldingsactie door het Israëlische leger gedood.

    Mijn liefhebbende vader stierf toen hij 35 was en hij zag nooit zijn kinderen opgroeien, laat staan zijn kleinkinderen. Hij was van zijn leven beroofd en daarvoor stel ik de Islamitische cultuur in het Midden-Oosten verantwoordelijk, en de haatpropaganda die de kinderen vanaf hun geboorte moeten ondergaan.

    Onmiddellijk na de dood van mijn vader feliciteerden (!!!) veel mensen ons, als kinderen van een held en een shahid (“martelaar”). Ik herinner me dat ik nachtenlang in stilte huilde en wenste dat hij geen zaak zou hebben gehad om voor te sterven, en ik verafschuwde het idee van martelaarschap. Ik heb sindsdien nog steeds niet ingezien, waarom God wil dat wij zullen sterven voor een zaak, terwijl hij ons het leven heeft gegeven?! Mij werd verteld dat mijn vader in de hemel was omdat hij als martelaar stierf; scholen en straten werden naar hem genoemd. Het was schokkend voor mij toen ik aan de weet kwam dat zowat 90% van de straten in het Midden-Oosten naar martelaars genoemd zijn. Als ik in mijn buurt rondwandelde, zag ik straat na straat met namen van mannen die hun leven gaven in martelaarschap! Wat een ramp voor veel gezinnen en kinderen! Maar ons werd verteld dat we alleen maar trots moesten zijn en...  wraak nemen. Ik droomde dat mijn vader misschien wel uit de hemel terug thuis zou komen, omdat we hem hier meer nodig hadden dan dáár.

    Bij de begrafenis zag ik mannen huilen als kinderen vanwege zijn dood, omdat hij ook zeer geliefd was bij anderen. Mijn moeder verviel na de begrafenis in een diepe depressie, waarvan zij nooit meer echt herstelde, en mijn jeugd en die van mijn broertjes en zusjes werd verder geruïneerd. We kregen een royaal pensioen van de overheid, waardoor mijn moeder in staat was om ons naar de beste particuliere scholen te sturen. Ik had het geluk dat ik naar een Katholieke school kon, die geleid werd door Ierse nonnen.

    Na enige tijd waren de mensen die ons hadden gefeliciteerd nergens meer te bekennen, en mijn moeder kreeg weinig emotionele ondersteuning. In de 1950-er jaren in het Midden-Oosten was het voor een vrouw moeilijk om zonder echtgenoot te leven. Er is praktisch geen sociale structuur of ondersteuning voor weduwen. Het is een erg clan-achtige samenleving. Je kracht en sociale status komen alleen van de familie en dan speciaal je mannelijke bloedverwanten. Ondanks de dichtbevolkte steden van het Midden-Oosten en het feit dat mensen dicht op elkaar leven, lijken de mensen vriendelijk maar zijn van elkaar geïsoleerd en geloven in afgunst, jaloezie. Er is een strikt gedragsritueel, maar niet een waarachtige sociale cohesie. De cultuur wordt gedomineerd door het idee dat “ik zal vervloekt worden door mensen die afgunstig/jaloers op mij zijn”, tot op het paranoïde af. Mensen moeten hun afstand bewaren, soms zelfs ten opzichte van hun eigen gezinsleden, om zich tegen het “boze oog” teweer te stellen. Zij beweren altijd dat “afgunst” in de Koran genoemd wordt. Nooit spraken ze over jaloersheid als een zonde die de jaloerse persoon schade toebrengt, maar als een vloek waartegen je je moet beschermen. Ze leren om al het goede nieuws geheim te houden [iemand zou jaloers kunnen worden! vert.] en dragen blauwe kralenkettingen om het boze oog te weren.

    Al de goede moslims die zo trots op mijn vader waren, stopten na enkele weken met ons te bezoeken. Misschien wilden sommige vrouwen niet dat wij jaloers op hen zouden zijn omdat zij echtgenoten en vaders hadden! De relaties tussen moslimvrouwen zijn buitengewoon rivaliserend, omdat mannen volgens de Islamitische wet vier vrouwen mogen hebben, dus bezoek aan en vriendschap met een weduwe kan erg bedreigend zijn. Vrouwen kunnen echt een mooie jonge weduwe als mijn moeder mijden. Eens hoorde ik een vrouw haar echtgenoot meedelen dat hij kon aanrotzooien als hij dat wilde, maar dat hij alsjeblieft nooit een andere vrouw zou trouwen. Familie-loyaliteit en -structuur is daar totaal verschillend.

    In het Midden-Oosten is de reputatie van een vrouw alles! Buren houden elke stap in de gaten die een vrouw doet als ze haar huis verlaat, ze houden bij hoe laat ze thuiskwam en wie haar bezocht. Ik herinner me dat mijn moeder me eens zeer streng strafte en me tegen de grond sloeg, alleen omdat een jongen met mij kwam praten terwijl ik op haar wachtte toen ze me uit school kwam halen. Ze zei: Bekommer je je niet om je reputatie, nu je geen vader hebt en je met een jongen staat te praten op het trottoir?!” Ik kan het haar nu niet kwalijk nemen, want ze leefde zelf in die tragedie.

    De eerste dag op mijn Katholieke school vertelden de nonnen mijn moeder dat ze voor haar baden. Die eerste dag was erg vredig en voor de eerste keer in lange tijd voelde ik liefde tussen de mensen daar. Het was een ander soort liefde, een vredig soort liefde die niets terugverlangt. De halve klas was moslim en elke dag hadden we les in de Koran. De man die ons de Islam onderwees, reciteerde alleen maar verzen en sprak over de Islamitische geschiedenis. Ik voelde steeds maar dat de God van de Islam altijd boos op ons was, en er was een permanente dreiging van de hel. We spraken nooit over liefde en een groot deel van de tijd was gewijd aan de oorlogen van Mohammed en hoe hij de meeste ervan won. Hij en zijn volgelingen gingen oorlogen aan met andere stammen uit Mekka, hij doodde hen en plunderde hun karavanen. Ze deden dat 20 jaar lang tot Mohammed had gewonnen en Mekka zich overgaf. Als kind maakten die verhalen mij bang. Ik waardeer het erg dat mijn moeder ons nooit verplichtte om de Islam te praktiseren, en zij had geen haat jegens andere godsdiensten.

    De Midden-Oosten cultuur beroofde me van mijn vader en liet mij en mijn broers en zusters, hulpeloze wezen, zonder emotionele ondersteuning in een wrede sociale structuur. Ik groeide op met woede en worstelde lange tijd om geestelijk gezond te blijven. Mijn vertrouwen in de mensen en mijn gevoel van veiligheid waren vernietigd en ik leerde om alles en iedereen ter discussie te stellen, te beginnen met de Arabische haat tegen de Joden. De haat van de moslims tegen de christenen kwam direct achter die voor de Joden. Ik veronderstel dat er teveel Arabische christenen waren, en dat misschien het idee was om ze één voor één aan te pakken: reken eerst af met de Joden en daarna met de christenen.

    Christenen werden algemeen “blue bone (blauw bot)” genoemd. Ik heb nooit geweten wat dat betekende, maar wel dat het negatief bedoeld was. [In vroeger tijden verplichtte een Egyptische islamitische heerser de christelijke Kopten een zwaar kruis in hun nek te dragen, wat vaak leidde tot tumoren op hun nekwervels; die plek werd dan blauw. Vandaar de uitdrukking “blauw bot”].  Toen ik groter werd en de middelbare school had doorlopen, wilde ik niet langer meer in deze samenleving blijven. Mijn liefde voor het leven won het en ik weigerde om in de spiraal van de haat te vallen en te leven in een maatschappij met botsende tegenstrijdigheden. Een cultuur die geen waarde aan het leven hecht, hecht er ook niet aan om mensen samen te brengen om hun economische en sociale condities te verbeteren. Daarom zijn ook de meeste Midden-Oosten- en moslimlanden in economisch opzicht zwaar onderontwikkeld. God zij dank dat er een land is als de Verenigde Staten, dat zijn armen opent voor mensen uit de hele wereld; ik had de eer om te mogen immigreren in de USA meer dan 23 jaar geleden, en zo werd ik een deel van deze grootse natie.

    Ik kon me niet aanpassen aan een Midden-Oosten cultuur die niet genoeg waarde hecht aan het leven van kinderen, een cultuur die zijn eigen kinderen tot wezen maakt, en die zo geobsedeerd is door haat tegen de Joden, dat zij bereid is om de moraal en een gezonde familiestructuur op te offeren voor een paar kilometer land en de stad Jeruzalem, die heilige grond voor Joden en christenen zijn. Helaas is de huidige islamitische cultuur hard op weg om morele zelfmoord te plegen.

    De USA gaf de wereld een voorbeeld te zien van hoe verschillende rassen en verschillende godsdiensten met respect kunnen samenleven, ondanks hun verschillen. Ik wilde dat de Islam wat goedheid en fatsoen zou kunnen tonen en het Joodse volk en de staat Israël accepteren. Het Joodse volk verrijkt de cultuur van het Midden-Oosten en verbindt ons met de historische wortels van de regio. Kun je je voorstellen wat een tragedie het zou zijn als alle Joden het Midden-Oosten zouden verlaten? Soms dagdroom ik van een dag dat de moslims de Joodse aanwezigheid in het Midden-Oosten verwelkomen en vieren, en zich realiseren dat de Joodse godsdienst geen bedreiging voor hen is, en dat het de oorsprong is van zowel het Christendom als de Islam. De Islam nam heel wat over uit Judaïsme en Christendom en is misschien bang om ontmaskerd te worden. Is dat misschien de reden waarom moslims niet met andere godsdiensten wensen samen te leven? Moslims reageren erg gevoelig als je ze wijst op het feit dat hun heiligste feestdag is het Bijbelverhaal van Abraham, zijn zoon en het lam. Maar ze hoeven zich zo niet te voelen, want de Islam heeft zich toch ontwikkeld met een eigen identiteit en kenmerken.

    Een boodschap aan alle vrouwen in het Midden-Oosten: het veranderen van jullie samenleving is in jullie handen! Stop met die onderworpenheid die jullie mannen en zonen overlevert aan het martelaarschap. Wat een tragedie dat jullie de dood vieren van jullie zonen, die omkomen als zelfmoordterroristen. Schat hun levens hoog zodat zij het hunne hoog mogen schatten, wellicht respecteren ze er je des te meer voor.

    Ik smeek de vrouwen en de dochters van de shahid om te luisteren. De mensen die jullie komen feliciteren met jullie geliefde shahid vader of zoon, zijn dezelfde mensen die jullie kritiseren als een ondeugdzame vrouw, als zij jullie het huis zien verlaten, alleen, zonder een man om je leven te regelen. De mensen die terroristen en shahids aanmoedigen zijn wrede en slechte mensen, die zich achter de Koran verschuilen met de bedoeling om macht en hoge posities te verkrijgen. Zij zijn bereid om de levens van deze mannen op te offeren en misschien wat geld naar hun gezinnen te werpen. Ze kunnen misschien sommigen wijsmaken dat dat ondersteuning is, maar let op, al snel sta je er alleen voor om je kinderen op te voeden, en loop je tegen de problemen op van een leven als vrouw alleen in een genadeloze maatschappij, die geen respect heeft voor alleenstaande vrouwen. Jij bent zonder man, en je kinderen groeien op, beroofd van hun vaders. Zij zijn bereid om generatie na generatie vrouwen op te offeren, door hen tot weduwen te maken en hun kinderen tot wezen! En waarvoor? Ik herinner me als teenager dat mensen ons gezin kritiseerden omdat er geen man was, en dat ze al onze bewegingen nagingen en er kritiek op hadden als we een mannelijke gast in huis hadden. In de Islam wordt een gezin alleen gerespecteerd vanwege de man die er woont. Wat te denken van de gezinnen van de “martelaars” Osama en Arafat? Heeft één van die deugdzame moslimleiders daar al eens aan gedacht? Laat je niet misleiden door de glorie van een martelaar te zijn. Ik leerde dat door bittere ervaring, maar God zij dank zegevierde ik. Wat ik niet had kunnen doen zonder in vrijheid te leven in de Verenigde Staten.

    Als kind werd mij door velen gevraagd: “Ga je de dood van je vader wreken door Joden te vermoorden?” Mijn antwoord nu, als volwassene, is een krachtig “nee”. In plaats daarvan wil ik leven om de donkere kant van de moslim-cultuur en het Islamitische fundamentalisme aan het licht te brengen.

3.  Over de Arabische/moslim haat-cultuur

Onze haat-cultuur

door Nonie Darwish

We zijn opgevoed om te haten – en dat doen we dus

    De controverse rond de Deense cartoons van de profeet Mohammed schiet er volledig naast. Natuurlijk, de cartoons zijn beledigend voor moslims, maar cartoons in kranten zijn geen rechtvaardiging voor het in brand steken van gebouwen en het doden van onschuldige mensen. De cartoons veroorzaakten niet de ziekte van de haat die we in de moslimwereld zien, ’s avonds op onze TV-schermen – ze zijn alleen maar het symptoom van een veel ernstigere ziekte.

    Ik ben geboren en opgevoed als moslim in Cairo, Egypte, en in de Gazastrook. In de 1950-er jaren werd mijn vader door de Egyptische president Gamal Abdel Nasser opgedragen om de Egyptische militaire inlichtingendienst in Gaza en de Sinaï te leiden. Daar vormde hij de Palestijnse fedayeen, oftewel  het “gewapend verzet”. Zij pleegden aanslagen over de grens in Israël, doodden 400 Israelis en verwondden er meer dan 900.

    Mijn vader werd gedood als gevolg van de fedayeen-operaties, toen ik acht jaar was. Hij werd door Nasser uitgeroepen tot nationale held en werd beschouwd als een shahid, een martelaar. In de toespraak waarin hij de nationalisatie van het Suezkanaal aankondigde, zwoer Nasser dat heel Egypte wraak zou nemen voor mijn vaders dood. Hij vroeg aan mijn broertjes en zusjes en mij: “Wie van jullie gaat jullie vaders dood wreken door Joden te vermoorden?” We keken elkaar sprakeloos aan, niet in staat om te antwoorden.

    Op school in Gaza leerde ik haat, wraak en vergelding. Vrede was nooit een optie, omdat het werd beschouwd als een teken van mislukking en zwakheid. Op school zongen we liedjes met verzen die de Joden “honden” noemden (in de Arabische cultuur worden honden als onrein beschouwd).

    Kritiek en het stellen van vragen waren verboden. Deed ik een van beide, dan werd mij verteld dat “moslims kunnen niet de vijanden van God liefhebben, en als ze het wel doen gaan ze naar de hel”. Als jonge vrouw bezocht ik een christelijke vriendin in Cairo tijdens het vrijdaggebed, en we hoorden allebei de scherpe verbale kritiek op christenen en Joden uit de luidsprekers buiten de moskee. Ze zeiden: “Moge God de ongelovigen en de Joden, die vijanden van God, vernietigen. We zullen geen vrienden van hen worden of verdragen met hen sluiten.” We hoorden de gelovigen antwoorden: “Amen”.

    Mijn vriendin keek angstig; ik was beschaamd. Toen realiseerde ik me voor de eerste keer dat er iets heel erg verkeerd was in de manier waarop mijn godsdienst werd onderwezen en gepraktiseerd. Maar spijtig genoeg was de manier waarop ik ben opgevoed, niet uniek. Honderden miljoenen andere moslims zijn ook opgevoed met dezelfde haat tegen het Westen en Israël, als een manier om de aandacht af te leiden van het falen van hun leiders. En dat is niet veranderd sinds ik een klein meisje was in de 1950-er jaren.

    Palestijnse TV verheerlijkt terroristen, en schoolboeken ontkennen nog steeds het bestaan van Israël. Meer dan 300 Palestijnse scholen zijn genoemd naar shahids, mijn vader inbegrepen. Wegen in Egypte en Gaza dragen nog steeds zijn naam, en die van andere “martelaren”. Welke soort boodschap geeft dat af over de rol van terroristen? Dat ze helden zijn. Leiders die vredesakkoorden tekenden, zoals president Anwar Sadat, zijn vermoord. Vandaag de dag gebruikt de islamo-fascistische president van Iran nucleaire dromen, Holocaust-ontkenningen en dreigementen om “Israel van de kaart te vegen” als een manier om zijn verdeelde volk onder controle te houden.

    Inderdaad, nu Denemarken aan de beurt is om het roterend voorzitterschap van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties op zich te nemen, zijn de vlammen van de cartoon-controverse aangewakkerd door Iran en Syrië. Dat ligt gevoelig, omdat verwacht wordt dat het IAEA (Internationaal Atoom Energie Agentschap) Iran bij de Veiligheidsraad zal aanklagen en vragen om sancties. Terzelfdertijd ligt Syrië onder vuur vanwege zijn acties in Libanon. Zowel Iran als Syrië wensen op een cynische manier de Denen in verlegenheid te brengen, met de bedoeling om hun gevaarlijke oogmerken te kunnen bereiken.

    Maar de demonstraties en de rellen komen voort uit een publiek dat is opgefokt tot razernij. Vanaf mijn jeugd tot aan vandaag is het beschuldigen van Israël en het Westen standaard praktijk geweest in de moslimwereld. Als vrede binnen handbereik leek te komen, vonden Palestijnse leiders altijd wel weer groepen die alles wilden doen om die te saboteren. Zij lieten hun eigen mensen gebruiken als de frontlijn van de Arabische jihad. Dictators in landen rond de Palestijnen waren maar al te blij dat ze de Palestijnen konden exploiteren als een afleiding van problemen in hun eigen achtertuin. De enige stem buiten regeringscontrole in deze gebieden zijn de moskeeën, en deze plaatsen van aanbidding zijn gevuld met geroep over jihad.

    Is het dan een verrassing dat mensen, na decennia van indoctrinatie in een haat-cultuur, werkelijk zijn gaan haten? De Arabische samenleving heeft een systeem gecreëerd, waarin men zich baseert op angst voor een gemeenschappelijke vijand. Het is een systeem dat hen de zo noodzakelijke eenheid heeft gebracht, de cohesie en de volgzaamheid in een regio die geteisterd wordt door stammentwisten, instabiliteit, geweld en zelfzuchtige corruptie. Dus beschuldigen Arabische leiders liever Joden en christenen dan hun volk te voorzien van goede scholen, wegen, ziekenhuizen, huisvesting, banen en hoop.

    Dertig jaar lang leefde ik binnen deze oorlogszone van onderdrukkende dictatuur en politiestaten. Burgers vleien en verheerlijken om strijd hun dictators, maar zij kijken de andere kant op wanneer moslims andere moslims martelen en terroriseren. Ik zag eerwraak op meisjes, onderdrukking van vrouwen, verminking van vrouwelijke geslachtsorganen, polygamie en zijn verwoestende uitwerking op de familierelaties. Dit alles vernietigt het geloof van moslims van binnenuit.

    Het is tijd voor Arabieren en moslims om in verzet te komen voor hun gezinnen. We moeten ophouden met onze leiders toe te staan om het Westen en Israël te gebruiken als excuus voor hun eigen falend leiderschap en voor het gebrek aan vrijheid voor hun burgers. Het is tijd om op te houden, Arabische leiders toe te staan om te klagen over cartoons, terwijl zij een oog dichtknijpen voor mensen die de Islam te schande maken door in de ene hand de Koran omhoog te houden, terwijl ze met de andere onschuldige mensen vermoorden.

    Moslims hebben werk en banen nodig, geen jihad. Verontschuldigingen over cartoons gaan het probleem niet oplossen. Wat nodig is, is hoop, niet haat. Zolang we ons niet realiseren dat de cultuur van de haat de werkelijke oorzaak is van de rellen rondom de cartoon-controverse, zal deze gewelddadige overreactie alleen maar het begin zijn van een botsing tussen beschavingen, die de wereld niet kan accepteren.

Nonie Darwish is freelance schrijver en spreker op bijeenkomsten.

Dit artikel verscheen eerst in The Daily Telegraph van 12 februari 2006.

free web hit counter