Rinus Kiel over Bijbel, cultuur en wetenschap

Reageren? Zie home-page                                                                                

======================================================

Home
Site-map
Updates
Deze site + mijzelf
Bijbel en theologie
Israel - volk en land
Filosofische items
Denken en cultuur
Wetenschap
Actualiteiten
Klimaat
Presentaties
Boeken
Weblinks

(Bijbel en theologie / Septuagint en Masoreten)

Up Hebreeuws schrifttype Genealogie verschillen

De genealogieverschillen tussen de Masoreten, Alexandrijnse LXX en Samaritaanse Pentateuch

Nieuw 17/07/2010

Zoek op deze website

Vraag aan Barry Setterfield: U schreef  “Rabbi Akiva en anderen bij dit ‘concilie van Jamnia’ ontkenden dat Jezus van Nazaret de langverwachte Messias was. Maar de christenen hadden juist de Schriften gebruikt om te bewijzen dat Jezus de Redder was, de Messias. Bijgevolg was het ofwel het concilie van Jamnia zelf, of een gerelateerde groep die door hen werd gesteund, die letterlijk de oude Schriften herschreven. Het meest opvallende was, dat zij schreven in een moderner Hebreeuws schrifttype. Het oude, of paleo-Hebreeuwse schrift leek meer op handschrift terwijl het moderne schrift dat zij gebruikten bestaat uit de rechthoekige tekens die we tegenwoordig zien. Maar dat was niet alles. Ze veranderden ook – zonder daar ophef over te maken – een aantal profetieën die door christenen gebruikt werden, zodat die niet vervuld schenen te zijn door Jezus, of op zijn minst niet overeenkwamen met de citaten in de christelijke geschriften. Ook verkortten zij om een tamelijk vreemde reden de genealogieën in Genesis 5 en 11, zodat ze effectief 1256 jaar korter werden.”

Wat was die tamelijk vreemde reden naar uw mening? Misschien hebt u het al ergens beschreven en heb ik het gemist?

Zie voor tabellen en grafische voorstellingen (Engels): Masoretische, LXX & Samaritaanse Pentateuch tabellen en grafieken

Antwoord van B.S.: Je vroeg naar de “vreemde reden” voor de veranderingen in de leeftijden van de patriarchen ten tijde van de geboorte van hun opvolgers in Genesis 5 en 11 in de Masoretische tekst in vergelijking met de Septuagint of LXX. Er zijn verschillende wegen naar dit antwoord, dus heb een beetje geduld.

    Ten eerste, de Masoretische tekst met zijn verkorte chrono/genealogieën ontstond rond het jaar 100 op het concilie van Jamnia in opdracht van rabbi Akiva. Hij was een rabbijns systeem aan het stichten dat het Joodse leven en de Bijbelinterpretatie zou regelen tot op de dag van vandaag. De volledige omvang van Akiva’s planning en uitvoering hiervan, met al zijn neveneffecten, is beschreven in Daniel Gruber’s boek “Rabbi Akiva’s Messiah”, Elijah Publishing, 1999: Een van Akiva’s doelstellingen was, dat zijn interpretatie en denken over de Schrift in stand zouden blijven. Gruber schrijft, op p. 108-109: “Hier, net als met de tekst van Tenach [Oude Testament], stond Akiva met zijn gezag achter een nieuwe Targum [commentaar] voor de Aramees sprekenden, en een nieuwe Griekse vertaling [gedaan door Aquila in het jaar 128] voor hen die dat niet deden. Onverschillig welke taal iemand dus sprak, Akiva stond erachter met zijn gezag. Hetzelfde deed hij met de mondelinge traditie. Die legde hij ook schriftelijk vast om zijn invloed ten opzichte van de traditionele rabbi’s te vergroten…”

    Tegen deze achtergrond zijn twee rabbijnse interpretaties bewaard die speciaal betrekking hebben op Genesis 5 en 11. Aangezien Akiva zowel de commentaren als de tradities autoriseerde, en ook de Schriften aanpaste om deze zienswijzen te ondersteunen, kan er weinig twijfel over bestaan dat hij ofwel verantwoordelijk is voor de twee interpretaties die met deze hoofdstukken te maken hebben, ofwel ondersteunde hij deze geheel. Laten we beginnen met de meest voor de hand liggende: In Genesis 14:18 is Abraham in gesprek met Melchizedek. De Joodse Targum die deze passage bespreekt, zegt dat Melchizedek beweert dat hij veilig uit de ark gekomen is aan het eind van de zondvloed, want hij “…voerde de beesten en de vogels. We sliepen niet maar gaven elk zijn voedsel gedurende de nacht.” Daardoor wordt Melchizedek geïdentificeerd met Sem, die inderdaad in de ark was. [Zie A. Cohen “Everyman’s Talmud”, p 236, E.P. Dutton & Co, 1949]. Maar de paleo-Hebreeuwse tekst waarop de oude LXX was gebaseerd, ondersteunt die traditie niet. En ook de Samaritaanse Pentateuch niet. Die was ook geschreven in paleo-Hebreeuws en komt vrijwel helemaal overeen met der LXX in Genesis 11. In de oude LXX stierf Sem 2764 jaar na de schepping, terwijl Abraham pas in Kanaän kwam 3469 jaar na de schepping. In deze traditie is er een gat van 675 jaar, als je de LXX gebruikt, en wil Sem nog leven in Abrahams tijd, dan moeten we de tijd in Genesis 11 met zo’n 700 jaar inkorten. En het is dus geen toeval dat de zeven patriarchen (Arpachsad, Selach, Eber, Peleg, Rehu, Serug en Nahor) allemaal op hun leeftijd bij de geboorte van hun opvolger 100 jaar moesten inleveren, in Akiva’s nieuwe Masoretische tekst.

    Dit was gemakkelijk voor Akiva omdat er een precedent was dat hij kon navolgen. De Samaritaanse Pentateuch had al eerder een ‘correctie’ gemaakt op hun paleo-Hebreeuwse tekst van Genesis 5, en hier komt een ander aspect van de ‘vreemde reden’ aan het licht. De Samaritanen meenden dat het ofwel oneerbiedig ten opzichte van God was, ofwel historische geloofwaardigheid miste om aan te nemen dat die patriarchen nog kinderen kregen na hun 150e jaar. Vanwege deze traditie trokken ze bij die patriarchen 100 jaar af van hun leeftijd bij de geboorte van hun opvolger, als die hoger lag dan 150 jaar. Voor meer informatie zie volgende webpagina’s:

Bible History Online

Samaritan Pentateuch

(another) Samaritan Pentateuch

Samaritans

The Chronology of the Old Testament

    Dit systematische aftrekken van 100 jaar in de Samaritaanse Pentateuch was ongetwijfeld opzettelijk en wel om de vermelde reden. Maar er was voor de Samaritanen geen reden om dat ook in Genesis 11 te doen, omdat al die patriarchen hun opvolgers hadden voordat zij 150 jaar waren. Het is opvallend om te zien dat de Samaritanen de LXX op dit punt vrijwel exact volgden. Het enige verschil was Terachs leeftijd bij de geboorte van zijn opvolger. In het geval van de LXX was die opvolger Nahor toen Terach 70 jaar was, bij de Samaritanen was die opvolger Abram toen Terach 130 jaar was. Dus in Genesis 11 meende Akiva dat hij een precedent had, gebaseerd op de traditie van systematisch aftrekken van 100 jaar ten opzichte van de LXX met betrekking tot de leeftijd van de patriarchen bij de geboorte van hun opvolger. In dit geval deed hij dat met elke patriarch tussen Sem en Abram. Zodoende hield hij Terachs leeftijd op 70 jaar en bereikte zo zijn doel.

    Deze procedure om 100 jaar af te trekken was ook eenvoudig om een andere reden. De Hebreeuwse uitdrukking om de leeftijd van de patriarchen aan te geven volgt dezelfde gewoonte als in Genesis 5:18. Daar staat letterlijk: “En leefde Jered twee en zestig jaar en een honderd jaar, en gewon Henoch…” In andere woorden, de leeftijd werd uitgedrukt in termen van eenheden eerst, dan tientallen, en de honderdtallen het laatst. Zodoende was het gemakkelijk om de uitdrukking voor ‘honderd’ weg te laten.

    Met deze instelling in het achterhoofd, richten we ons nu op de traditie die ontstond met betrekking tot Genesis 5. Akiva zag Noach terecht als de stamvader van de nieuwe wereld na de vloed, net zoals Adam de stamvader was geweest van de oude wereld, die ten onder was gegaan. In die zin zag Akiva Noach als de tweede Adam in tegenstelling tot Jezus, waarvan de christenen beweerden dat Hij die positie had. In de verdediging van deze positie kon hij wijzen op Genesis 6:9 waar staat: “Noach wandelde met God” net zoals Adam. Verder was Gods opdracht aan Noach in Genesis 9:1 precies dezelfde als die aan Adam in Genesis 1:28. Daarbij waren dan de 7 Noachitische geboden waarvan de door Akiva ondersteunde Talmud beweerde dat die aan de mensheid gegeven waren. Ze bestaan uit de zes geboden die aan Adam gegeven waren volgens de Talmudische interpretatie van Genesis 2:16 en een zevende gebod, dat na de vloed aan Noach gegeven was. [Zie The Seven Laws of Noah]. Als aanvullende ondersteuning voor deze bewering is er een vreemd commentaar in de Talmud dat, juist zoals Noach dronk van de vrucht van de wijnstok, ook de wijnstok de drager was van de verboden vrucht in de hof van Eden. [Zie Babylonian Talmud, Tractate Sanhedrin folio 70a]. Bedenk dat Akiva grotendeels verantwoordelijk was voor wat er in de Talmud ging en wat er uit verwijderd moest worden. Dus deze ideeën reflecteren Akiva’s denkbeelden.

    Dientengevolge werd Noach in de Joodse traditie de tweede Adam in plaats van dat Christus die rol vervulde. Voor een recente illustratie hiervan, zie "The Noah Covenant with Mankind" in de Arutz Sheva van 31 oktober 2008.

    Maar om deze zienswijze de nodige geloofwaardigheid te geven, moest Akiva het gebruikelijke Joodse denken over deze zaken volgen. Dit oordeelde dat het hoofd van de oude orde (Adam) moest sterven voordat het hoofd van de nieuwe orde (Noach) kon optreden om zijn plaats in te nemen. Daarom moest Noach – om deze plaats in te nemen – de eerste opvolger zijn die geboren werd in de lijn van de rechtvaardigen na de dood van Adam. Maar, opnieuw, deze traditie gaat lijnrecht in tegen de oude LXX tekst.

    Op dit punt aangekomen, moeten we vaststellen dat vóór de tijd van Akiva, Josephus al de leeftijden van de patriarchen bij de geboorte van hun opvolgers in Genesis 5 had geciteerd, en deze waren dezelfde als die in de Alexandrijnse Septuagint. Dus hier is het bewijs dat dit de standaard leeftijden waren in de originele paleo-Hebreeuwse tekst. Zo hebben we in Genesis 5 het getuigenis van Josephus met betrekking tot de accuratesse van de oude LXX, terwijl de Samaritaanse Pentateuch, geschreven in paleo-Hebreeuws sterke ondersteuning biedt aan de lezing van de oude LXX in Genesis 11.

    Na dit gezegd te hebben stellen we vast dat, in de tekst van de LXX, Adam sterft in het jaar 930 na de schepping, terwijl Noach geboren wordt in 1662. Een gat van meer dan 700 jaar. In deze periode werden Jered, Henoch, Methuselach en Lamech geboren; Set, Enos, Kainan en Mahalelel stierven in die tijd. Als Noach kort na Adams dood geboren zou moeten zijn, dan moet er minstens 600 jaar worden gekrompen. Dat werd gedaan door van de verwekkingsleeftijden van de opvolgers van zes patriarchen 100 jaar af te trekken, zoals ook de Samaritanen deden, maar van drie patriarchen de leeftijden zo te laten. Als van deze drie (Jered, Methuselach en Lamech) ook honderd jaar zouden worden afgetrokken, dan zou Akiva’s rekensommetje niet opgaan. Dus het was duidelijk dat Akiva probeerde te harmoniëren met de traditie die hij tegen de christenen in stelling bracht. Akiva’s manipulaties produceerden de Masoretische tekst, waarin de dood van Adam was in het jaar 930, terwijl Noach werd geboren in 1056, zonder gebeurtenissen daartussen. Zo bereikte hij zijn doel.

    Dus samenvattend: de belangrijkste reden waarom het concilie van Jamnia de chrono-genealogieën in Genesis 5 en 11 aanpaste was om Akiva’s tradities omtrent Noach als de tweede Adam en Sem identiek met Melchizedek te kunnen onderbouwen. Om dat te bereiken moest Akiva 600 jaar krimpen uit Genesis 5 en 700 jaar uit Genesis 11. Hij had het precedent van de Samaritaanse Pentateuch om hem te steunen, omdat de Samaritanen hun tekst van Genesis 5 op soortgelijke manier hadden aangepast om een vreemde traditie van hen te ondersteunen. Akiva meende dat hij ook op zo’n manier kon handelen.

Ik hoop dat dit je wat verder heeft geholpen.