Rinus Kiel over Bijbel, cultuur en wetenschap

Reageren? Zie home-page                                                                                

======================================================

Home
Site-map
Updates
Deze site + mijzelf
Bijbel en theologie
Israel - volk en land
Filosofische items
Denken en cultuur
Wetenschap
Actualiteiten
Klimaat
Presentaties
Boeken
Weblinks

(Actualiteiten)

Up David/Salomo Abortus/euthanasie Homohuwelijk Terrorisme Fundamentalisme Palestijnen Religie en Geweld Arabische Stem Fatima

Het 'homohuwelijk'; achtergronden van recente gebeurtenissen

Nieuw 14/08/2001 - laatste wijziging 26/05/2003

Zoek op deze website

Samenvatting: Ook dit onderwerp - evenals de vorige - is een heet hangijzer in de christelijke wereld. Enerzijds is men daar toch nog steeds beducht om alle moderne dwaasheden voetstoots te accepteren, anderzijds is de neiging om het zwakke te beschermen en het kwetsbare ruimte te geven een opening om het onaccepteerbare toch maar te accepteren. Hoe zit dat nu?

Teksten homohuwelijk

Terughoudendheid

    Wie gaat publiceren over deze en verwante onderwerpen, moet goed beseffen dat het hier gaat om tere en buitengewoon gevoelige onderwerpen. Alle aspecten hiervan raken mensen zeer persoonlijk. Gezonde seksuele verhoudingen in een goed huwelijk tussen normale, gezonde mensen zijn vaak nog ver van het gewenste ideaal verwijderd. Dat moet ieder van ons voorzichtig maken om generaliserend en – nog erger – veroordelend over deze dingen te spreken en te schrijven. Enige tijd geleden (ik meen 18-7-2001) zag ik een TV-uitzending over allerlei fysieke tekortkomingen, afwijkingen en vergroeiingen op dit gebied, soms nog verergerd door pogingen om operatief ‘verbeteringen’ aan te brengen. Het lijden dat je als mens in deze omstandigheden moet ondergaan, is buitengewoon schrijnend, omdat het zaken betreft die eigenlijk tot grote vreugde en intimiteit aanleiding zouden moeten geven.

De Bijbel als richtinggever

    Zoals ieder die deze website – al is het maar oppervlakkig – bezoekt, zal opvallen, bezie ik alle zaken vanuit de Bijbel, die ik aanvaard als de boodschap van God, de Schepper van mens en kosmos aan ons, mensen; dat boek heeft om die reden gezag over alle aspecten van ons leven. Door dat boek weten we over het goede begin, en van de ellende die door de mens over de kosmos is uitgestort door zijn ongehoorzaamheid, maar ook van het komende totale herstel van Gods schepping. Daarom betreur ik niet alleen de fysieke problemen, die hierboven genoemd worden, maar ook de psychische, sociale en maatschappelijke moeiten en problemen die samenhangen met de menselijke seksualiteit. In deze laatste categorieën vallen allerlei onderwerpen – zoals echtscheiding, overspel, prostitutie, pedofilie en dergelijke zaken – waarover we het hier en nu niet zullen hebben. Het onderdeel waarop we onze focus zullen richten, is het verschijnsel van de homofilie, de erotische en seksuele aantrekkingskracht tussen twee mensen van hetzelfde geslacht, die voor velen in onze cultuur vanzelfsprekend moet leiden tot lichamelijke, seksuele contacten tussen deze twee. De reden dat ik dat onder de rubriek ‘Actualiteiten’ doe, ligt voor de hand: de aanname van de wetgeving over het ‘homohuwelijk’ door onze volksvertegenwoordiging en de daarop volgende heksenjacht op gewetensbezwaarde ambtenaren van de burgerlijke stand, hebben dit onderwerp als vanzelfsprekend binnen de aandacht gebracht.

Definitie

    Hoewel de Encarta Encyclopedie (Winkler Prins editie 1999) stelt dat ‘homofilie’ een verouderde term is voor ‘homoseksualiteit’, geeft het verwarring als deze beide termen worden samengevoegd. Het is m.i. een onjuiste gewoonte in onze tijd om aanleg en praktijk niet (meer) te (willen) onderscheiden.

Homofilie

    Homofilie is dan de toeneiging op erotisch en seksueel gebied naar personen van het zelfde geslacht. Hoe deze neiging ontstaat, is tot op heden nog steeds onbekend. Allerlei oorzaken zijn genoemd, en er schijnen diverse factoren te zijn die in die richting werken, maar er is tussen de diverse vakgebieden nog steeds fundamenteel verschil van mening. Voor ons doel is het ook niet zo belangrijk: een aangeboren of in de vroegste jeugd ontwikkelde neiging is er nu eenmaal. Of die neiging is om te buigen naar een heterofiele, is een vraag waarop ook diverse tegenstrijdige antwoorden worden gegeven. En ook daarmee houden we ons niet bezig. We accepteren het feit dat deze mensen er zijn. En al zijn zij anders dan ik, of wij, daarom behoren zij even goed nog wel tot die groep, die Jezus ‘naasten’ noemt. Dat houdt in dat zij, evenals alle mensen die binnen ons bereik (onze draaicirkel zal ik maar zeggen) komen, aanspraak mogen maken op onze liefde en dus acceptatie. En daarmee is eigenlijk het belangrijkste gezegd. Maar voor de duidelijkheid: discriminatie van mensen op grond van aanleg, ras, godsdienst, en welk kenmerk ook, is in onze maatschappij verboden. En dat is goed. Christenen zouden hiervoor dankbaar moeten zijn. Beoordeling van het gedrag van mensen en het confronteren daarvan met normen is gelukkig niet verboden, al zouden velen het erg fijn vinden, als dat wel zo was. Maar dan komen we in de buurt van de dictatuur terecht.

Homoseksualiteit

    Anders staat het, vanuit Bijbels oogpunt, met homoseksualiteit. Dat is het toegeven aan deze neiging en deze uiten in lichamelijke, seksuele contacten met mensen van hetzelfde geslacht. Vanuit verschillende hoeken wordt beweerd dat de Bijbel niet deze contacten veroordeelt, zolang ze plaatsvinden binnen een relatie die zich beperkt tot twee mensen en gedragen wordt door liefde. Mijn beoordeling van deze bewering is, dat de wens hier wel heel erg de vader van de gedachte is geworden, en dat de Bijbel woorden in de mond worden gelegd, die daarin niet te vinden zijn. De hele doorgaande lijn in de Bijbel, en bij de meeste volken, door de tijden heen, is, dat seksualiteit is voorbehouden aan het unieke verbond van de ene man en de ene vrouw. De Torah wijst homoseksuele contacten in zeer scherpe bewoordingen af, en bedrijvers werden bij ontdekking streng gestraft. Deze scherpe afwijzing zou niet nodig geweest zijn, indien het verschijnsel toen niet voorkwam. Maar het is van alle tijden en alle culturen. In sommige culturen, zoals o.a. de Griekse, werd ze niet alleen getolereerd, maar door sommigen (bijv. Plato) zelfs geprefereerd boven seksuele contacten met vrouwen, omdat vrouwen door hen werden geminacht. Maar het is niet voor niets dat Paulus in gesprek met de Atheense filosofen deze periode van de Griekse cultuur de “tijden der onwetendheid” noemt. Omdat die volken onwetend waren van God en zijn Torah.

Bijbel en homoseksualiteit

    Als we de Bijbel als bron voor ons handelen accepteren (wat ik doe en wil doen), moeten we niet in de eerste plaats focussen op specifieke teksten, maar de doorgaande lijn, het algemene principe in het oog vatten. En als het gaat om de verhouding tussen de twee geslachten, man en vrouw, dan is daarover geen twijfel. Door de hele Bijbel heen zijn seksuele verhoudingen alleen en uitsluitend te zien in de unieke twee-eenheid van de ene man en de ene vrouw. Dat wil niet zeggen dat alle mensen over wie de Bijbel handelt ideale modellen daarvan zijn geweest, zelfs niet diegenen die in de Bijbelse, historische lijn staan, zoals aartsvaders, koningen, profeten, richters, etc. Maar die door de zonde getekende realiteit is niet de norm, de door God gewilde realiteit. Jezus spreekt bijv. daarover als hij (met betrekking tot echtscheiding) zegt:

". . . al bij het begin van de schepping heeft God de mens mannelijk en vrouwelijk gemaakt." (Marcus 10:6).

    En hoewel de Bijbel niet over alle afwijkingen van de norm uitgebreid bericht, of die expliciet veroordeelt, is hij wel ondubbelzinnig in zijn veroordeling in geval van homoseksuele contacten. In Leviticus 20:13 wordt dit als volgt samengevat:

Wie met een man het bed deelt als met een vrouw, begaat een gruweldaad. Beiden moeten ter dood gebracht worden en hebben hun dood aan zichzelf te wijten.

Hier wordt alleen van mannen gesproken, maar zoals zo vaak in het Oude Testament zijn vrouwen vaak impliciet hierin meegenoemd. Op deze overtreding stond dus de doodstraf, zoals op verschillende overtredingen, die te maken hadden met seksueel afwijkend gedrag, moord, mensenhandel of afgoderij. De bedoeling van deze zware straffen wordt ook genoemd:

“. . . zo moet u het kwaad dat zich bij u aandient in de kiem smoren..

Israël leefde temidden van volken die het op al deze gebieden niet zo nauw namen. Maar Israël moest een heilig volk zijn. En zij waren allerminst immuun voor die praktijken. De genoemde zonden*) hebben een neerzuigend effect: eenmaal het taboe doorbroken, glijdt een samenleving gemakkelijk af. Daarom deze zware straffen. Er waren in die harde tijd, toen ook de Heilige Geest nog niet was gekomen, kennelijk geen andere maatregelen, die het kwaad konden indammen.

    Nu zeggen velen, dat deze veroordelingen zo 'zwaar aangezet' zijn in contrast met de praktijken van de volken rondom. En natuurlijk is het zo, dat expliciete verboden vaak ontstaan zijn omdat de verboden handelwijze binnen de waarnemingshorizon van de Israëliet werd gepraktiseerd. Maar zij werd kennelijk ook binnen Israël zelf gepraktiseerd, want dit verbod is niet gericht tegen de heidenen maar tegen het volk Israël. Hoe je het echter ook uitlegt, homoseksuele gemeenschap was expliciet verboden. Ongekwalificeerd!

Sodom?

    Vaak wordt de stad Sodom genoemd in dit verband. Enerzijds om aan te geven, dat homoseksualiteit de aanleiding tot de verwoesting van Sodom was, anderzijds om tegen te werpen dat het het gebrek aan gastvrijheid was, dat hun ondergang werd. Laten we eens zien. In Genesis 13:13 lezen we:

de mensen daar [in Sodom e.o.] waren slecht, ze zondigden zwaar tegen de HEER.

Slecht, ongespecificeerd, zij overtraden Gods heilzame wetten in kennelijk velerlei opzicht. In Genesis 18:20 zegt God tegen Abraham:

"Er zijn ernstige beschuldigingen geuit tegen Sodom en Gomorra, hun zonden zijn ongehoord groot.

Dan moet het nogal bar geweest zijn, want ook de volken waar Abraham tussen woonde, waren in moreel en godsdienstig opzicht voorwerp van Gods kritische aandacht. We lezen dat de mannelijke bevolking van Sodom Lot wil dwingen, de gasten (engelen!, weten zij veel!) die bij hem binnen zijn gekomen, aan hen uit te leveren:

'Waar zijn die mannen die bij je overnachten?’ riepen ze Lot toe. ‘Breng ze naar buiten, we willen ze nemen!' (of, zoals de New Int.Version zegt: "...that we have sex with them") (Genesis 19:5).

Dit lijkt moeilijk voor tweeërlei uitleg vatbaar. In 2 Petrus 2:8 lezen we over Sodom:

“. . . hoe ze zich aan God noch gebod stoorden,

en in de brief van Judas:7 staat over Sodom:

Net als die engelen [waarover in Genesis 6 wordt verhaald] pleegden ze ontucht en liepen ze achter wezens aan die anders waren dan zijzelf.

In moderne vertalingen wordt dat ‘andere wezens achternagelopen zijn’ vertaald door ‘perversie’, d.i. ‘behagen scheppend in abnormale lustbevrediging’. Het is het beeld van een totale maatschappelijke en morele verdorvenheid. De acceptatie van de praktijk van seksuele gemeenschap tussen mannen ziet de Bijbel als een onderdeel daarvan. Men deed waar men zin in had, en daarmee basta. Wie zich verzette, werd met de dood bedreigd. Kijk wat er zich rond Lot afspeelde:

‘Dat woont hier als vreemdeling [zeiden de mannen van Sodom] en moet ons zo nodig de wet voorschrijven. Wacht maar, jij zult er ook van lusten, en nog meer dan zij!’ En ze drongen Lot ruw opzij en wilden de deur openbreken. (Genesis 19:9).

Hun woede komt ons verdacht bekend voor. Ze accepteren van niemand kritiek op hun laakbare levenswijze. Hun hele woordkeus wijst op een onbeheerste woede tegenover ieder die kritiek op hen uitoefent. Onlangs hoorde ik in een TV-programma iemand zeggen dat in onze maatschappij geen (morele) kritiek meer wordt geduld. Met iemand, die zich toch nog daaraan waagt, wordt direct ter plekke - en als het zo uitkomt, definitief - afgerekend. Mij schokte die uitspraak in het licht van wat hierboven is behandeld.
    Wij hebben geen idee of in Sodom en omstreken zoiets als een ‘homohuwelijk’ bestond. Zelf denk ik van niet; in de morele toestand waarin deze maatschappij verkeerde, had men beslist geen behoefte (meer) aan een schijn van recht of maatschappelijke sanctionering. Dus als we dit samenvatten zien we in Sodom een cultuur die in allerlei opzichten – ook op seksueel gebied – die situaties die in de Torah met de dood bestraft worden, al verre in neerwaartse richting was gepasseerd.

Jezus en seksuele zonden

    Laten we nu eens zien, hoe Jezus met seksuele zonden omging. Hij zegt, dat er geen letter of leesteken van de Torah zal teniet gaan. En Hij begint niet met uiterlijke dingen, maar bij ons hart:

“. . . iedereen die naar een vrouw kijkt en haar begeert, heeft in zijn hart al overspel met haar gepleegd (Matteüs 5:28).

Dat is nog veel strenger dan de Torah. Straft Jezus nu ook zo streng als in die Torah aangegeven? Nee, en wel om drie redenen: 1. wil God niet de dood van de goddeloze**) (oftewel: zondaar), maar dat hij zich bekeert en leeft (Ezechiël 18:23), 2. stelt God het definitieve oordeel uit totdat Jezus terugkeert, om mensen nog gelegenheid te geven tot ommekeer, en 3. heeft Jezus een effectiever middel om het kwaad weg te doen; Hij bereikt niet maar het uiterlijke, het gedrag van de mens, maar zijn hart, door Zijn liefde. We zien dat in de historie van de zgn. ‘overspelige vrouw’ (voor volledige tekst – Johannes 8:2-11 – zie bijlage). De situatie waarover het daar gaat, is beschreven in Deuteronomium 22:22-24. Het gaat om een getrouwde vrouw of verloofd meisje, dat op heterdaad op overspel betrapt is. Het vreemde is, dat de betreffende man niet voor Jezus wordt gebracht. Ook dáár ging men er kennelijk van uit dat in zulke gevallen de vrouw altijd de schuldige is en de man hoogstens slachtoffer. De Torah ziet dat anders! Beiden moesten ter dood gebracht worden. Wat doet Jezus? Hij bouwt een oorverdovende stilte in, die de beschuldigers onzeker en hun gewetens wakker maakt. Eén voor één sluipen ze weg, wetend dat ze zelf ook niet brandschoon zijn in dit opzicht. En dan brengt Jezus zijn geweldige wapen in stelling: zijn onvoorwaardelijke liefde voor mensen. Hij brengt de straf niet ten uitvoer, maar kijkt haar aan en vergeeft haar – reëel aanwezige – schuld. En hoe doet Hij het kwaad uit Israëls midden weg? Door Zijn vermaning: “zondig vanaf nu niet weer!” En ik geloof dat er een grote kans is, dat zij vanaf dat moment inderdaad dat soort situaties vermeden heeft. Jezus kan dat zo doen, omdat in en met Hem de Geest van God op aarde is, die later ook aan de gemeente van Jezus zal gegeven worden. En… Jezus is ook het voorbeeld voor ons, christenen!

En hoe zit dat met de apostelen?

    Beginnen we met de manier waarop Jezus’ grote apostel, Paulus, omging met seksuele zonden. Hij tilt daar – evenals Jezus – zwaar aan. En hij noemt ook de reden:

"Ga ontucht [Grieks = porneia, waar ons woord ‘porno’ vandaan komt = elke vorm van seksuele gemeenschap buiten de één man/één vrouw verbintenis, en wat daar toe leidt] uit de weg! Geen enkele andere zonde die een mens kan begaan tast het lichaam aan, maar wie ontucht pleegt zondigt tegen het eigen lichaam" (1 Korintiërs 6:18).

Dat hangt samen met de Bijbelse opvatting dat je door seksuele gemeenschap één lichaam met die ander wordt. Zoals het ook vanaf het begin geweest is. Paulus beschrijft in verschillende van zijn brieven de immorele situatie waarin de volken in zijn tijd vervallen waren (Romeinen 1:18-32) en hij waarschuwt zijn lezers daar ernstig voor (1 Korintiërs 6:10-11 / Galaten 5:19-21 / Efeziërs 5:11-12 / Kolossenzen 3:5-8). Hij zegt dat wie deze dingen bedrijven, het Koninkrijk van God niet zullen zien. Zo ernstig is dat!! Ook de apostel Petrus noemt deze dingen in 2 Petrus 2:14. Zie de bijlage voor alle teksten.
    Toch werd zowel in de Griekse alsook de Romeinse cultuur – ondanks alle immoraliteit – alleen de unieke verbintenis van één man en één vrouw als ‘huwelijk’ erkend, en ook bij de Germanen was dat zo.

Voorlopige samenvatting van Bijbelse uitgangspunten

    Als we het voorgaande in het kort samenvatten, zien we het volgende: De Bijbel verbiedt en veroordeelt homoseksuele contacten, oftewel geslachtsgemeenschap tussen mensen van hetzelfde geslacht. In het Oude Testament werd dit kwaad - uiteraard bij ontdekking - met de dood gestraft. De situaties in Sodom en de culturen die de apostelen beschrijven, gingen nog een heel stuk verder. Sodom werd zelfs wegens zijn ten hemel schreiende morele toestand weggevaagd. Ook Jezus en de apostelen waarschuwen dringend tegen seksuele zonden. Jezus’ liefde vergeeft de schuld, maar zowel Hij als de apostelen handhaven hun indringende vermaning, daaraan niet toe te geven.

De situatie in Nederland

    Sinds het aannemen van de wet op het zgn. ‘homohuwelijk’ is in Nederland een in de wereld nog nooit vertoonde situatie ontstaan, nl. dat het overtreden van één van de Tien Woorden nu wettelijk is gesanctioneerd. Dat is buitengewoon uniek. Mensen werkzaam in zending en missie hebben ons een- en andermaal verteld, dat zelfs onder koppensnellers het doden van medemensen niet als vanzelfsprekend wordt gezien. Voordat dit gebeurt, moeten allerlei rituelen worden uitgevoerd, die eventuele geesten en goden een beetje moeten sussen, omdat iedereen – ook daar – wel op zijn klompen aanvoelt, dat je dat eigenlijk niet ongestraft doen kunt. Maar op zo’n manier dekken ze hun onrustige geweten enigszins toe. In onze cultuur hebben wij niet meer zo’n last van onrustige gewetens. Niet alleen hebben wij een aperte zonde nu tot ‘normaal’ verklaard, maar ook worden nu ambtenaren van de burgerlijke stand, die hieraan niet hun medewerking willen verlenen, bedreigd – nee, niet met ontslag, zo intolerant zijn wij niet! – maar met niet-verlenging van hun arbeidsovereenkomst, indien zij niet bereid zijn, een door de Nederlandse wet gesanctioneerde, maar door Gods Woord verafschuwde verbintenis te bevestigen. In een aantal gemeenten is dat reeds zo. De reden voor deze gemeentelijke houding is een buitengewoon legalistische: het is wet in Nederland, en ambtenaren moeten de wet uitvoeren, dus… Ondanks het feit dat de betreffende minister heeft toegezegd, dat het niet nodig is, in dit opzicht iets wettelijk te regelen, omdat de gemeenten wel de juiste houding zullen vinden om hiermee om te gaan. Niet dus!

De kerken

    Het is voorlopig ondenkbaar dat de RK kerk deze wet zal erkennen en nu ook ‘homohuwelijken’ zal inzegenen. Althans, indien de Vaticaanse richtlijnen worden gehanteerd.  
    Voor de kerken van de Reformatie geldt dat in principe ook, denk ik. Met als uitzondering de SoW-kerken in oprichting, waar men aarzelt. Men wil hier zo graag ‘met zijn tijd meegaan’. Er zijn al predikanten die de relatie met hun ‘vriend’ burgerlijk als 'huwelijk' hebben laten registreren en kerkelijk hebben laten ‘inzegenen’! Hier stuiten we op een ongelooflijke brutaliteit. Als we over iets een zegen uitspreken, dan verbinden we de heilige Naam van God met dat wat gezegend wordt. Nu is homoseksualiteit voor God een gruwel. Zijn zegen daarover uitspreken is dus een grove godslastering. Wat is er in het denken van zelfs predikanten dan zo misgegaan, dat zij daaraan durven beginnen?

Achtergronden

    Nu heb ik een beetje het gevoel, dat ik mezelf begin te herhalen. Het is ook eentonig elke keer weer hetzelfde liedje. Het liefst volsta ik dan ook met te verwijzen naar die talloze plaatsen op deze website waar over deze achtergronden wordt gehandeld, o.a. in Iets over filosofie. Maar in het kort wil ik er hier dit van zeggen:

    Zolang in een cultuur besef is van een God, die als Schepper zeggenschap heeft over ons, en ons de wet stelt, zolang is er een norm die boven ons uitgaat. In onze cultuur is dat lange tijd de God van Israël geweest, de Schepper van mens en kosmos, die in Jezus van Nazaret ons zijn liefde en vergeving heeft betoond. Die Schepper heeft ons in de Bijbel a.h.w. zijn ‘gebruiksaanwijzing’ gegeven, hoe wij met zijn schepping om moeten gaan, willen wij daarin tot heil van mens en kosmos leven.  
    Maar sinds enkele eeuwen is een andere opvatting dominant gaan worden, nl. dat er geen God is en dat wij nu zelf de normen moeten stellen volgens welke wij willen leven. Hoe stellen wij die normen vast: per enquete / bij meerderheid van stemmen / als het maatschappelijk aanvaard is / als het de economie bevordert / als ik er een 'goed gevoel' bij heb / etcetera. (zie Abortus/euthanasie). Na verloop van tijd wordt zo’n nieuwe ‘norm’ dan in de wet vastgelegd, en vanaf dat moment is ieder verplicht deze na te leven. Zo zijn wij aan ons ‘homohuwelijk’ gekomen.
 
    Nu is hierboven al aangegeven, dat zelfs in heidense culturen er een besef is van die normen van God de Schepper. Dat ligt ook voor de hand, want de mensen zijn naar zijn beeld geschapen, en hebben op een of andere manier besef van goed en kwaad. Ook daarover is ons door mensen uit missie en zending heel wat meegedeeld. In onze cultuur vinden we dat het geweten niet van belang is, en dat het verstand (van de helft + 1) moet zegevieren. Verplicht. In de Bijbel lezen we hoe het afloopt met een cultuur die zich op deze manier gedraagt. Niet alleen Sodom, maar ook Israël heeft aan den lijve ondervonden dat God niet met zich laat spotten. En ook de cultuur van de eindtijd – Babel – waarvan wij naar mijn opvatting nu reeds het begin meemaken, zal dat op een verschrikkelijke manier gewaar worden. Alle waarschuwingen van God aan haar adres worden in de wind geslagen. Wij lezen in het boek Openbaring in de Bijbel hoe dat allemaal gaat, en hoe het met haar afloopt. En dat is beslist niet wat haar profeten in politiek en maatschappij voor ogen hebben en ons proberen wijs te maken.  

Liefde

    Ga ik in het bovenstaande nu niet helemaal voorbij aan de oprechte gevoelens van genegenheid, tederheid, geborgenheid, oprechte toewijding, langdurige trouw, zorgzaamheid, wederzijds respect en liefde die er bij vele homoparen bestaan? Is bij zeer velen niet de oprechte wens, elkaar te dienen en lief te hebben? Ja, ik geloof dat dat zo is. En verre van dat te veroordelen, ben ik daarvoor dankbaar. Bij vele van onze homofiele medemensen komen die eigenschappen, die wij tegenwoordig 'vrouwelijk' noemen, meer tot hun recht. Wie zou dat niet toejuichen. Dat juist daartegen door het publiek vaak wordt geageerd, zegt veel over de verkeerde prioriteitenstelling in onze cultuur. En daartegen keert zich de Bijbel zeer beslist niet. Lees wat ik daarover heb geschreven op de pagina Verzoening. Ook is er - Bijbels gezien - niets tegen het samenwonen in andere verbanden dan het gezin. Het enige wat God uitdrukkelijk verbiedt in zulke samenlevingsverbanden is: seksuele gemeenschap. Daartegen richt zich de Bijbelse kritiek. Deze gemeenschap is uitdrukkelijk en strikt voorbehouden aan de één man-één vrouw relatie die in de Bijbel en overal elders in tijd en plaats 'huwelijk' wordt genoemd. Natuurlijk weet ik dat ik daarmee een standpunt inneem, dat door velen - niet alleen nu maar ook in Bijbelse tijden - onhoudbaar wordt genoemd. Niettemin is dit de norm die God de Schepper van het leven ons voorhoudt. Wordt die norm overtreden, dan is daarvoor vergeving. Maar wordt die norm voortdurend ontkend, aangevochten en getrotseerd, dan moeten we rekening houden met de gevolgen.

Liefdeloosheid

    Niettegenstaande deze laatste alinea, is het onvermijdelijk dat ik het etiket 'liefdeloos' opgespeld krijg met mijn opstelling, zoals hierboven uiteengezet. Een cultuur zonder God moet nu eenmaal alles 'liefdeloos' vinden wat haar strevingen frustreert en voor de voeten loopt. Maar m.i. zou het eerst echt liefdeloos zijn, als ik wist van Gods veroordeling van de genoemde praktijken en van zijn komende oordeel over een cultuur die zijn normen in de wind slaat, en dan mijn mond hield. Uit angst voor de hoon van de spraakmakers. Of voor de eventuele rechtszaken, waarmee sommigen hun gelijk menen te moeten halen. Omdat hun geweten nog te krachtig spreekt. Laat dat a.u.b. zo blijven! In de Bijbel vinden we heel duidelijk aangegeven wat van ons, christenen, verwacht wordt. Wij worden, als de profeet Ezechiël, aangesproken als 'wachters'. Waarom? Omdat wij het Woord van God kennen en zijn veroordeling van onze cultuur. Die niet zonder - negatieve - gevolgen zal blijven. In die oude tijden had je wachters die op de stadsmuren uitkeken naar van buiten komend gevaar, en die in dat geval alarm moesten slaan (de bazuin blazen) om de bevolking tijdig te waarschuwen. God zegt daar tegen Ezechiël het volgende over:

"Spreek, mensenkind, zeg tegen je volksgenoten: “Als ik het zwaard op een land afstuur, en het volk dat daar woont heeft iemand als wachter aangesteld, en die wachter ziet het zwaard op het land afkomen en blaast op de ramshoorn om het volk te waarschuwen, en als dan iemand het geluid van de ramshoorn hoort maar er zich niets van aantrekt, en het zwaard komt en doodt hem, dan heeft hij zijn dood aan zichzelf te wijten. Hij heeft het geluid van de ramshoorn wel gehoord maar zich er niet door laten waarschuwen, en dus heeft hij zelf de dood over zich afgeroepen. Had hij zich laten waarschuwen, dan had hij zijn leven gered. Wat de wachter betreft: als hij het zwaard ziet komen maar niet op de ramshoorn blaast om het volk te waarschuwen, en als het zwaard dan komt en iemand doodt, dan sterft die mens doordat hij zelf schuld heeft, maar de wachter zal ik voor zijn dood ter verantwoording roepen.”" (Ezechiël 33 : 2-6).

Voorlopig wil ik het hierbij laten.

---------------------------------------------------------------
Verklaring van enkele termen:

- zonde: stamt af van een woord dat "het doel missen", of "de juiste weg missen" betekent. Wij kennen het in de uitdrukking: "wat zonde", als er een porseleinen bord kletterend op de stenen valt en in stukken breekt. Het is niet meer dienstig voor zijn doel: een heerlijk diner. In de Bijbel staat dit woord altijd in de context van het moedwillig het doel missen; er is schuld mee verbonden. Zonde is gewilde overtreding van Gods goede wetten en inzettingen, de 'gebruiksaanwijzing' die Hij voor mens en wereld gaf.

- goddeloze: in Bijbelse zin een slecht mens, slecht namelijk in vergelijking met Gods goede wetten, iemand die deze slechtheid ook wenst; verder duidt het iemand aan die uitdrukkelijk wenst zonder god te leven en zijn eigen zin te volgen, en die daarom 'zondaar' is: iemand die zijn (levens)doel mist.