Rinus Kiel over Bijbel, cultuur en wetenschap

Reageren? Zie home-page                                                                                

======================================================

Home
Site-map
Updates
Deze site + mijzelf
Bijbel en theologie
Israel - volk en land
Filosofische items
Denken en cultuur
Wetenschap
Actualiteiten
Klimaat
Presentaties
Boeken
Weblinks

De klimaathysterie

Nieuw 04/02/2010 - laatste wijziging 27/01/2014

Zoek op deze website

Samenvatting: Al vele jaren worden we geplaagd door paniekzaaierij over het klimaat. Wij mensen zouden, door het in de atmosfeer brengen van koolzuurgas (CO2) de aardse temperatuur dusdanig laten stijgen, dat er allerlei onvoorstelbare rampen over ons zouden komen. Nou, dat klinkt nogal alarmerend. Erger is, dat via diverse klimaatconferenties regeringshoofden en verantwoordelijke ministers zich hebben verbonden om deze zogenaamde ramp te bestrijden via allerlei draconische maatregelen. Maar het meest alarmerende is, dat er echt helemaal niets van deugt, dat het klimaat helemaal niet dramatisch opwarmt, dat wij gewoon te maken hebben met de natuurlijke klimaatschommelingen, en dat wij worden gemanipuleerd met een bepaald doel. De hele opwarming in de 20e eeuw haalt netto nog niet 0,5°C!! Lees verder!

Kijk ook naar de pagina's hieronder!

Spirituele basis Temperaturen Wiskundig model Ecologisme = religie

Vanwege de lengte een opsomming van de paragrafen:

Het IPCC en de klimaathysterie

Angst voor de toekomst

Oudere (en deels vergeten) klimaatpaniek

Het 'gat in de ozonlaag'

De klimaathype

CO2, wat is het

Een illustratie

CO2, wat doet het?

Hoe komen we aan het idee dat de mens het klimaat opwarmt door middel van CO2-uitstoot?

Het IPCC (Intergovernmental Panel for Climate Change)

Hoe ging het verder met het IPCC?

Uit de enorme hoeveelheid materiaal een keuze:

De instituten die temperatuurgegevens aanleveren voor het IPCC

Evolutionaire tijdschaal

Temperatuurmeting

Temperatuur en CO2-gehalte

Hoe weet IPCC zo zeker dat CO2 de temperatuur drijft?

Temperatuur en CO2-gehalte in het verleden

Hoe kwam het ‘hockeystick’-model tot stand?

Smeltende ijskappen en stijgende zeespiegel?

Geeft opwarming aanleiding tot meer en zwaardere orkanen?

Warmt de aarde nog steeds op of koelt het nu af?

Nog wat recente blunders:

De Himalaya gletsjers

Andere krimpende gletsjers

Ontluikende nieuwe dreiging: verzuring van de oceanen

Nog meer?

Tenslotte

 

Het IPCC en de klimaathysterie 

 

Is het gedoe over het klimaat een hype? Wat is een hype? Een hype is een werkelijk of vermeend verschijnsel dat tijdelijk bovenmatige media-aandacht krijgt en daardoor belangrijker lijkt dan het in werkelijkheid is. Het gevolg van dit mechanisme kan zijn dat iets wat als een hype begint, kan uitgroeien tot iets wat men buitengewoon belangrijk begint te vinden.

We zullen in het vervolg zien dat het gedoe rond het klimaat inderdaad een levensgevaarlijke hype is geworden. Beter nog: een hysterie. Maar er steekt veel meer achter. Ook dat gaan we zien.

 

We moeten voortdurend in het oog houden dat er in het klimaatdebat steeds twee dingen naast elkaar spelen, die meestal niet goed onderscheiden worden:

1.       Er is aandacht voor een goed milieu, bestrijding van vervuiling, maar ook aandacht voor de toename van welvaart voor die landen en volken die daar nu vaak volledig buiten vallen. Deze aandacht is terecht en kan niet genoeg benadrukt worden. Voor christenen zelfs een duidelijke opdracht!

2.       Er is de opvatting dat het globale klimaat door de mens belangrijk beïnvloed kan worden en dat deze negatieve invloed in hoofdzaak is terug te voeren tot de door de mens in de atmosfeer gebrachte CO2. Deze opvatting berust niet op feiten en leidt in de praktijk tot onzinnige en volstrekt onnodige, kostbare, en voor velen levensbedreigende maatregelen. Dit verschijnsel is het onderwerp van dit document. Hoezeer deze opvatting de uitdrukking is van een religieuze overtuiging, wordt getoond op de pagina Ecologisme als religie. Iets anders is natuurlijk dat lokaal het klimaat wel degelijk beïnvloed kan worden. Denk aan de grootschalige kap van het regenwoud en het regelmatige platbranden van grote stukken bos o.a. in Indonesië. Deze hebben zeker een nadelige invloed op het klimaat ter plaatse en in een wat groter gebied daar omheen. Maar er is geen blijvende, wereldwijde beïnvloeding, zoals door IPCC wordt beweerd.

Het is absoluut noodzakelijk om deze twee dingen te scheiden en deze scheiding consequent vol te houden. De nadruk op het eerste genereert namelijk onnodige en zelfs gevaarlijke sympathie voor het tweede.

 

Angst voor de toekomst

 

    Er is een sterke neiging in onze cultuur om angstig te zijn voor de toekomst. Onheilsprofetieën en doemscenario’s verheugen zich in een toenemende aandacht. Is onze tijd zoveel bedreigder dan vroegere tijden? Kennis van de geschiedenis geeft het antwoord: helemaal niet, wij leven zelfs – hier in het westen – in de meest comfortabele en welvarende tijd die we ons kunnen heugen. Waarom dan toch die toenemende angst voor de toekomst? Ik denk dat het grotendeels te maken heeft met het levensgevoel van veel mensen, dat wij hier op onze aarde helemaal alleen in het heelal zijn en dat er geen ‘reserve’ planeet bekend is, waar we ons in geval van nood zouden kunnen vestigen. We moeten het met deze planeet doen.

    Vooral na de maanreizen in het Apollo-project is dat gevoel toegenomen. De beelden van onze aarde vanuit de ruimte gaven de mensen het gevoel van kwetsbaarheid: zo’n mooie waterplaneet! Hoe uniek! Voor christenen een besef van bewondering en lofprijzing aan onze Schepper, maar voor wie dat niet kent, kan de schrik om het hart slaan: wij zijn echt helemaal alleen in het heelal. We moeten goed op deze planeet passen!

    In kringen van de Verenigde Naties is de New Age opvatting gemeengoed geworden dat onze aarde een bezield organisme is, Gaia genaamd. Dit gevoelen is 40 jaar lang gepropageerd door de in België geboren en in de Elzas opgegroeide adjunct secretaris-generaal, dr. Robert Muller. Hij had allerlei ideeën over wereldregering, wereldvrede en spiritualiteit. Hij wilde dat de UN ook de religies zou vertegenwoordigen, maar in de praktijk werd dat alleen de New Age filosofie. Een vroegere secretaris-generaal (1962-1971), de Birmees Sithu Oe Thant, heeft aan de in UFO's geïnteresseerde Amerikaanse natuurkundige, James E. McDonald verteld, hoe hij eens door UFO-nauten is ontvoerd geweest. Dit soort esoterische sfeer gedijde daar toen. Muller werd geïnspireerd door de theosofe Alice Bailey, die op haar beurt weer werd ingefluisterd door de ‘Tibetaanse meester Djwhal Kuhl’. De door hen gepropageerde aardegodin Gaia handhaaft volgens hen door de miljoenen jaren heen een delicaat evenwicht op deze planeet. Wij mensen hebben kans gezien om ons in korte tijd snel te vermenigvuldigen, helemaal tegen de uiterst langzame trend van de evolutie in, en hebben zodoende moeder Gaia tegen ons in het harnas gejaagd. Daarom slaat zij terug en straft ons nu voor onze evolutionaire ‘zonden’. De draconische maatregelen die nu voorgesteld worden in het kader van de klimaathype moeten haar weer geruststellen. En daarvoor is nodig een internationaal orgaan met grote bevoegdheden, dat niet democratisch gecontroleerd wordt, geheel in overeenstemming met de ideeën van Robert Muller. Dit laatste was het hoofddoel van de gelukkig geflopte conferentie in Kopenhagen. Zie nevendocument over de Spirituele achtergrond.

 

Oudere (en deels vergeten) klimaatpaniek

 

Maar het is niet de eerste keer dat er paniek gecreëerd wordt met betrekking tot de atmosfeer en het klimaat:

    In de naoorlogse jaren werd het toen als 'slecht' ervaren weer (inderdaad veel minder dan de qua weer heerlijke 40-er jaren, waarin mijn lagere schoolleeftijd viel) geweten aan atoomproeven. Nooit vastgesteld.

    In 1972 verscheen van de hand van Dennis Meadows e.a. het rapport van de club van Rome ‘Grenzen aan de groei’. Rond het jaar 2000 zou het daarin voorzegde rampscenario zich in alle hevigheid voor onze ontstelde zintuigen ontrollen. 2000?  Dat is toch al weer even geleden? Als je jonge mensen vraagt wat de Club van Rome is of was, hebben ze geen flauw idee waar je het over hebt.

    In de 70/80-er jaren van de 20e eeuw ontstond er wereldwijde opschudding over een naderende ijstijd. Wereldwijd schenen de gemiddelde temperaturen te dalen. Wachten we nog steeds op. Voor mij hoeft het niet, ik ben wat kouwelijk aangelegd. Maar deze hype – hoewel via de pers behoorlijk opgeklopt – landde niet echt bij het publiek.

    Even later werden onze mogelijke angsten weer gevoed door dramatische verhalen over zure regen en uitstervende bossen. De Franse taal werd verrijkt met de uit het Duits afkomstige ‘le Waldsterbèn’ (nadruk op laatste lettergreep). Onze reizen door dicht bevolkte en beboste gebieden, zoals Elzas, Jura, Hessen, etc. hebben ons nooit met het Waldsterben geconfronteerd. De bossen staan er beter voor dan ooit (meer CO2 misschien?). We horen er ook niet meer over.

    Dan kortstondige paniek over el Niño en consorten. Dat blijkt een periodiek verschijnsel te zijn. Hoewel het in het kader van de klimaathype nog regelmatig opduikt, verontrust het kennelijk weinig mensen.

 

Het 'gat in de ozonlaag'

    Het gat in de ozonlaag, dan. Is dat er niet meer? Of is het er misschien nooit geweest? We hebben wel alle CFKs verboden. Hoewel nu wordt betwijfeld of dit drijfgas enige invloed op het ‘gat’ heeft uitgeoefend. We gebruiken nu vervangende gassen als butaan, waarvan we over enkele jaren wel de grote nadelen zullen vernemen. De praktijk is dat het ‘gat’ er nog elk jaar is. Aan het eind van de zomer. Boven het zuidelijk halfrond. En er zijn geen aanwijzingen dat het ooit anders is geweest. Maar wat is die ozonlaag eigenlijk?

    Op grote hoogte in de stratosfeer komt de zonnestraling in alle hevigheid onze aardse atmosfeer binnen. Daarbij is ook een grote hoeveelheid ultraviolette straling (uvb) die, als ze de aarde zou bereiken, schade aan organismen kan berokkenen. Maar juist deze straling bereikt op grote hoogte dat er uit de aanwezige zuurstofmoleculen (O2) atomen worden losgeslagen, die zich met die zuurstofmoleculen verenigen tot ozon (O3). Dit proces kost veel ultraviolette energie, die daardoor wordt geabsorbeerd, en leidt tot hoge temperaturen hoog in de stratosfeer. Zo heeft de goede Schepper ons beschermd tegen schadelijke invloeden van de zon. Dit proces is het sterkst waar de zoninstraling het sterkst is, dus boven de evenaar, en neemt af naar de polen toe. Omdat ozon een instabiele verbinding is, die spontaan uiteenvalt (O3 - O → O2) met een halfwaardetijd van minuten tot enkele dagen, afhankelijk van de temperatuur, verdwijnt ’s nachts een deel van die ozonlaag weer en wordt gedurende de dag weer opgebouwd. In de poolwinter wordt er nauwelijks ozon gevormd omdat de zonnestralen dan in een kleine hoek invallen. Men kan dan op die plekken spreken van een ‘gat’, maar dat is een misleidende term die suggereert dat er iets ontbreekt, dat er wel zou moeten zijn.

    In de winter, en dan voornamelijk in de buurt van de polen, gaat de nachtelijke afbraak gewoon door, maar de reconstructie van de ozonlaag houdt daar geen gelijke tred meer mee, vanwege de geringe concentratie van uvb per cm3 atmosfeer. Daar ontstaat dus een ‘gat in de ozonlaag’ zoals dat zo plastisch heet. Bedoeld wordt natuurlijk een ‘sterk verminderde concentratie van ozon’. Maar die is dan daar ook niet meer zo nodig omdat de uvb-concentratie op het aardoppervlak door de grote absorptie van de atmosfeer uiterst gering zal zijn. Aan de Zuidpool komt nog daarbij de geringe stroming op die hoogte in de winter, zodat het ‘gat’ daar vrij groot kan zijn.  Aan de Noordpool is het anders, omdat daar een veel sterkere graad van luchtbeweging is, en de atmosfeer daar meer wordt ververst.
    Conclusie: mocht het inderdaad zo zijn dat CFKs de ozonlaag aantasten, dan zorgt het terugkoppelmechanisme ervoor dat die aantasting geen al te dramatische vormen aannemen kan. Gezien het feit dat we pas sinds redelijk korte tijd metingen doen aan de ozonlaag, is het buitengewoon prematuur om NU te spreken over ‘herstel’ van de ozonlaag en dergelijke nonsens-statements. We weten helemaal niets over de historie van de ozonlaag. Ik heb een sterk vermoeden dat al dit gepraat ons alleen maar angst probeert aan te jagen, en ons op het verkeerde been probeert te zetten, met als doel om geld los te krijgen om dit ‘gevaar’ te bestrijden.

 

De klimaathype

 

Het nieuwste artikel uit de rampenkoker is dan nu dus de zgn. ‘klimaathype’, waarin de hoofdstelling is dat de mensen door het verstoken van fossiele brandstof koolzuurgas (CO2) in de atmosfeer brengen, en dat dit CO2 de aarde catastrofaal kan opwarmen, met allerlei dramatische negatieve gevolgen. Waar komt dit verhaal eigenlijk vandaan? Laten we eerst eens zien wat CO2 eigenlijk is.

 

CO2, wat is het?

 

    CO2 is één van de gassen waaruit de atmosfeer bestaat. Die is samengesteld uit 78,09% stikstof (N2), 20,94% zuurstof (O2), ±0,04% CO2 en nog sporen van andere gassen zoals de edelgassen 0,00052% helium (He), 0,93% argon (Ar) en 0,0018% Neon (Ne).

We ademen CO2 uit, we krijgen het binnen want het zit in frisdranken.

Grote hoeveelheden CO2 zijn opgelost in de oceanen. Als het oceaanwater opwarmt, komt na verloop van tijd CO2 vrij uit oceaanwater, waardoor het gehalte in de atmosfeer langzaam toeneemt.

De bronnen van de jaarlijkse hoeveelheid CO2 die in de atmosfeer wordt gebracht, zijn weergegeven in bovenstaande grafiek. Je ziet dat de mens van deze 0,04% slechts voor ± 3% van deze inbreng verantwoordelijk is, dus effectief 0,0012% van de totale atmosfeer, dat is ongeveer 1 deel op 100.000. Hoe weet men dat? Wel, dat berust op intelligente schattingen, dus er zit een zekere marge in.

 

Een illustratie

Stel je de atmosfeer voor als een weg van 1 kilometer lang. We gaan die weg aflopen. De eerste 780 meter zien we alleen stikstof, de volgende 210 meter lopen we langs zuurstof. Nog 10 meter te gaan. Daarvan zijn 9 meter argon. Nog één meter! Een aantal gassen beslaan van die meter de eerste 60 centimeter. Dan de laatste 40 centimeter van die kilometer, dat is nou CO2 (kooldioxide). Nog geen halve meter. 97% van dit spul is van natuurlijke oorsprong, daartegen kunnen we niets doen. Nu zijn er nog 12 millimeter over. En dat is de hoeveelheid van dat CO2 dat de mens door zijn activiteiten in de atmosfeer brengt. En deze 12 mm (op een hele kilometer), de dikte van je pink, zouden dus al die rampen over de aarde brengen. En van dat stukje moeten we door een 1000en miljarden Euro’s inspanning maximaal 50% afhalen. En dan zouden we de opwarming hebben gestopt. Gelooft U het? Ik niet!

Een andere illustratie: Stapel 200 pakken van 500 vel A4 printerpapier op elkaar, dat is een stapel van 10 meter hoog, en die bevat  100.000 vel. Het CO2-gehalte wordt dan weergegeven door de bovenste 40 velletjes, en daarvan is er één en slechts één, die de menselijke CO2-uitstoot voorstelt. Dat ene velletje, dat kunnen we beïnvloeden. Stoppen we dat allemaal onder de grond, dan groeit het CO2-gehalte voorlopig toch nog door. IPCC jaagt een fantoom na.

Overigens moeten we natuurlijk wel bedenken dat de invloed van een verbinding in de atmosfeer niet in eerste instantie van de hoeveelheid afhangt, maar in het geval van CO2 veroorzaakt deze geringe hoeveelheid slechts een verdwijnende temperatuurverhoging.

CO2, wat doet het?

 

In een folder van het Zeeuwse energiebedrijf ‘Delta’ werd CO2 beschreven als een ‘vies gas’. Dat heeft de bijbetekenis van smerig, vervuilend, en dus moeten we er vanaf. Vaak is ook gezegd, dat het giftig en vervuilend is. Niets is minder waar. CO2 is voor vele natuurlijke processen absoluut noodzakelijk.

-    Veel lichaamsprocessen kunnen niet zonder CO2, o.a. ademhaling, maar ook verschillende andere stofwisselingsprocessen.

-    Planten hebben CO2 nodig om de fotosynthese goed te laten verlopen. Het is gebleken dat meer CO2 in de atmosfeer de plantengroei sterk bevordert; bovendien vermindert meer CO2 het waterverbruik van planten. Kwekers weten dat. Vroeger hadden zij potkacheltjes in de kassen staan. De uitlaatgassen bevatten veel CO2 en de oogsten waren goed. Toen kwam er moderne verwarming met buizen en de oogsten liepen terug. Iemand vond toen uit dat er CO2 ontbrak. Sindsdien blazen kwekers CO2 in hun kassen. In het Westland en in Zeeuwsch-Vlaanderen wordt CO2 van fabrieken betrokken. Gelukkig neemt de atmosferische CO2 toe, zodat we hopelijk voor hongersnoden worden behoed.

Is CO2 dan helemaal niet schadelijk? Nee, behalve als er zoveel van in een ruimte aanwezig is, dat de zuurstof wordt verdrongen; dan bemoeilijkt het de ademhaling. Maar dat geldt voor alle gassen. Dat is ook de zorg over het onder de grond pompen van CO2, nl. dat er onverhoopt een grote hoeveelheid vrijkomt. Nu, als dat in de open lucht gebeurt, is er niet veel aan de hand. Dus, echt gevaarlijk is dat onder de grond stoppen niet, onnozel wel, want we hebben die CO2 hard nodig.

 

Hoe komen we aan het idee dat de mens het klimaat opwarmt door middel van CO2-uitstoot?

 

Er schijnen twee lijnen te zijn die toeleiden naar de huidige klimaathysterie.

     De eerste is die van een Amerikaan, een zekere Roger Revelle, die door allerlei omstandigheden aandacht kreeg voor de menselijke uitstoot van CO2, het oplopende CO2-gehalte in de atmosfeer en de link met de vervuiling door het verkeer. Hij ontwikkelde daarover een hele theorie, die hij als professor aan de Harvard Universiteit kon verspreiden. Eén van zijn leerlingen toen was Al Gore, de bekende ex-USA vicepresident en top alarmist in de klimaatbusiness. Al Gore refereert in zijn werk vaak aan Roger Revelle. Wat hij er nooit bij vertelt is, dat Revelle op latere leeftijd – toen hij door Harvard was ontslagen en zijn ideeën overdacht in Californië – tot andere opvattingen kwam. In die tijd werkte hij samen met Fred Singer (Siegfried Frederick Singer (1924-…), een opmerkelijk mens. Hij was professor aan de Universiteit van Virginia in broeikaseffect, ozon afname en andere milieu wetenschappen. Hoewel eerst voorstander, veranderde hij in tegenstander, na uitgebreide studies en kritische lezing van researchrapporten. Hij  bestrijdt broeikaseffect, ozon afname door menselijke oorzaken en de wetenschappelijk aanvechtbare werkmethoden van het IPCC. Hij is nu een van de meest geharnaste ‘klimaatsceptici’, met een eigen website ‘Science and Environmental Policy Project’.

    In 1988 schreef Revelle twee brieven aan het Amerikaanse congres waarin hij opmerkte: “Het is mijn persoonlijke opvatting dat we nog 10 tot 20 jaar zouden moeten wachten om vast te stellen dat het broeikaseffect echt belangrijk is voor de mensheid, zowel in positieve als in negatieve zin. We moeten voorzichtig zijn om niet te veel onrust te zaaien totdat de aard en de omvang van de opwarming duidelijker wordt.”  Al Gore heeft deze brieven afgedaan als de acties van een seniele oude man. Hij was in 1988 op pad om de slag van zijn leven te slaan!

    De tweede speelt in Engeland. Premier Margaret Thatcher is vast van plan om de macht van de unions te breken. De machtigste daarvan is de vakbond van de mijnwerkers. Zij hebben verschillende keren het land lamgelegd om hun eisen kracht bij te zetten. In die tijd hoorde zij over CO2 als mogelijke bron van gevaarlijke opwarming van de aarde. Nu, het stoken van kolen brengt CO2 in de atmosfeer. Dit gegeven gebruikte Thatcher als breekijzer in het conflict met de mijnwerkers. Kolen stoken wordt taboe: we gaan kernenergie propageren en gebruiken. En zo gebeurde. Zo won Thatcher de strijd. De kolenmijnen werden gesloten. CO2 was gevaarlijk. Eén van haar adviseurs in die tijd was Christopher Walter, 3rd Viscount Monckton of Brenchley (Christopher Monckton), een Schotse edelman. Ook hij was van mening dat er een verband bestond tussen CO2-gehalte en atmosferische temperatuur. Hij was lid van een economische adviesgroep. Maar zijn werkelijke invloed dateert van later tijd. Zie zijn website 'Science and Public Policy Institute'.

    Het brandpunt van de activiteit in Engeland lag in de oprichting aan de Universiteit van East-Anglia van de Hadley CRU (Climate Research Unit) door enkele mensen van het Meteorologisch Instituut in Engeland. Opmerkelijk is, dat het werd gesteund door de oliemaatschappijen Shell en BP. Vanuit kringen van IPCC wordt nogal eens gesuggereerd dat de ‘klimaatsceptici’ worden betaald door oliemaatschappijen. Maar het is juist omgekeerd! Het was Britse meteorologen opgevallen dat in de 1970-er/1980-er jaren de gemiddelde wereldtemperatuur ongeveer gelijk op liep met een opmerkelijke stijging in het atmosferisch CO2-gehalte. Men vermoedde een verband.

 

Het IPCC (Intergovernmental Panel for Climate Change)

 

    In 1988 werd door de UN het IPCC opgericht. Opmerkelijk is dat het niet International is, maar Intergovernmental, wat al direct aangeeft dat het een politiek en ambtelijk accent krijgt. Het wordt dan ook niet bevolkt door wetenschappers in eerste instantie, maar door wetenschappelijk geïnteresseerde ambtenaren, plus een aantal wetenschappers. Maar via de politieke kanalen zijn er in verschillende landen direct nationale meteorologische en andere onderzoeksinstituten bij betrokken. In Engeland bijv. het MetOffice, en de Hadley CRU, in Amerika de NOAA en de NASA. En deze instituten kunnen beschikken over enorme subsidies om hun ‘onderzoek’ te doen. Zo kan het IPCC vanaf het begin beschikken over een enorme mankracht om zijn opdracht uit te voeren. En wat is die opdracht? Vast te stellen hoe het CO2-gehalte de gemiddelde wereldtemperatuur beïnvloedt. Het verband dus tussen CO2 en ‘global warming’. Even aandacht! Dit is geen wetenschappelijke opdracht. Die zou geluid moeten hebben: uit te zoeken of de gemiddelde wereldtemperatuur stijgt en zo ja, hoe; punt twee, het gedrag van het CO2-gehalte in de atmosfeer onderzoeken, en wellicht punt drie: is er een verband tussen die twee en zo ja, welk? Maar de opdracht heeft een andere achtergrond. Het verband tussen die twee (CO2 en temperatuur) wordt voorondersteld, en mag niet ter discussie gesteld worden. Het IPCC moet dat verband verder vaststellen. Wat is hier aan de hand? Zie nevendocument over de Spirituele achtergrond.

 

Hoe ging het verder met het IPCC?

 

IPCC organiseerde een aantal zgn. ‘klimaatconferenties’, waar een onvoorstelbare hoeveelheid deelnemers bijeenkomt. Vele duizenden. Ik noem enkele van de belangrijkste:

-          1992, Rio de Janeiro
Afspraak dat de rijke landen CO2-uitstoot drastisch zullen beperken / geen cijfers, geen sancties

-          1997, Kyoto
Er wordt een omvangrijk verdrag ondertekend. Landen verplichten zich tot drastische vermindering van CO2-uitstoot: Uitstoot broeikasgassen in 2010 met 5,2% verminderen t.o.v. 1990. Het Centraal Planbureau schat de kosten van 'Kyoto' voor Nederland op 0,8% tot 4,8% van het nationaal inkomen! De reikwijdte van ‘Kyoto’ is het jaar 2012. Voor die tijd moeten er nieuwe en strengere afspraken worden gemaakt.

 

Als gevolg van 'Kyoto' wordt het fenomeen 'emissierechten' ingevoerd. Ieder land krijgt een hoeveelheid van deze emissierechten toebedeeld. Maar landen met weinig CO2-uitstoot kunnen hun emissierechten verkopen. Rijke landen kunnen deze dan opkopen omdat zij teveel uitstoten. Deze handel loopt over een beurs, waar op echt kapitalistische wijze wordt gehandeld, o.a. ook op termijn. Al Gore en Pachauri van het IPCC hebben direct of via een omweg goud aan deze handel verdiend. Ook is afgesproken dat eventueel teveel uitgestoten CO2 moet worden opgeborgen, het liefst onder de grond in zoutkoepels, uitgeputte gas- en olievelden, etc. Maar afgezien van alle technische en veiligheidsproblemen, is het een onzinnige zaak. Want wanneer we de hele menselijke uitstoot elk jaar onder de grond zouden stoppen, dan groeit het CO2-gehalte in de atmosfeer vrijwel ongehinderd door. De menselijke bijdrage is nl. veel minder dan de jaarlijkse toename. De basisaanname, dat de menselijke CO2-uitstoot de atmosfeer zou opwarmen, is nl. een volstrekte giller!!

 

-          2009, Kopenhagen (november)
Dit is een belangrijke conferentie, omdat er nieuwe afspraken moeten worden gemaakt voor na 2012. Maar de conferentie wordt geplaagd door allerlei narigheid. Een klokkenluider aan het Hadley/CRU in Engeland laat een enorme berg e-mails en andere informatie uitlekken waarin te zien is, hoe er door de diverse wetenschappers wordt gesjoemeld en gemanipuleerd. In vele gevallen zijn oorspronkelijke gegevens niet meer beschikbaar, en zijn er vele meetreeksen ‘aangepast’ tot ze passen in het nu schijnbaar onaantastbare paradigma van de ‘klimaatverandering’. Zoveel mogelijk worden wetenschappers, die kritiek hebben op de werkwijze, het publiceren onmogelijk gemaakt, o.a. door intimidatie. Topman dr. Phil Jones van CRU gaat voor drie jaar op non-actief. Later blijkt ook de NOAA aan de knoeierij te hebben meegedaan.
In feite wordt er niets getekend, en ook het komende jaar (2010) is dat niet voorzien. De enorme sneeuwval op het hele noordelijke halfrond en de ijzige temperaturen werken ook al niet mee. Obama moet een dag eerder naar huis, om nog te kunnen landen in Washington D.C. Dit bewijst in directe zin nog wel niets, maar in combinatie met andere trends naar een afkoeling is het wel degelijk een fenomeen dat aandacht verdient.
Al Gore houdt een toespraak en wijst erop dat het zomerijs aan de Noordpool over enkele jaren verdwenen zal zijn. Maar helaas, hij heeft zijn gegevens uit een vroeger gesprek met iemand, die er nu heel anders over denkt. Gore moet retireren! Overigens heeft hij al eerder beweerd dat het Noordpool zomerijs in 2009 verdwenen zou zijn, maar het groeit als kool.
In de volgende maanden komen er steeds meer bewijzen van de knoeierij in het klimaatrapport uit 2007 aan het licht. Een bericht over Himalayagletsjers, die in 2035 vrijwel verdwenen zouden zijn, berust in feite op een telefonisch interview. Andere berichten over terugtrekking van gletsjers in Andes en Zwitserse Alpen berusten op een studentenscriptie en een artikel in een bergbeklimmersblad. Voor het IPCC, dat altijd zo hoog opgeeft over de kwaliteit van zijn wetenschappelijke werk, een enorme slag. De hele wetenschappelijke pretentie die het IPCC omgeeft, is vals. Er is gewoon op grote schaal geknoeid en gemanipuleerd. Zie bijv. ook de 'Climate-Gate' e-mails.

 

 

Uit de enorme hoeveelheid materiaal een keuze:

 

De instituten die temperatuurgegevens aanleveren voor het IPCC

 

Er zijn wereldwijd drie gegevenscentra van wier gegevens het IPCC gebruik maakt, nl.:

NOAA/NCDC    (USA) National Oceanic and Atmospheric Administration, dat zich bezig houdt met oceanische onderzoek en atmosferische verschijnselen, vnl. orkanen en tropische stormen. Het maakt daarbij gebruik van de gegevens in zijn NCDC, het National Climatic Data Center.

NASA/GISS      (USA) National Aeronautic and Space Agency, die op klimaatgebied gebruik maakt van een eigen instituut, het GISS, het Goddard Institute for Space Studies

Hadley/CRU      (UK) Dit is het Britse instituut (onderdeel van de Universiteit van East-Anglia) waar een groot deel van de klimatologische gegevens voor het IPCC vandaan komt. Dit instituut is recent (oktober 2009) in opspraak gekomen.

 

Evolutionaire tijdschaal

 

Een belangrijk gegeven, dat vrijwel nooit wordt genoemd, is het feit dat voor- en tegenstanders uitgaan van een lange chronologie, die zij als bewezen veronderstellen. Daardoor ontstaan begrippen als: interglaciaal (warmere periode tussen hypothetische ijstijden), mogelijke nieuwe ijstijd (die extreme unieke omstandigheden vereist die niet verwacht mogen worden). Maar ook worden vroegere  temperatuurschommelingen enorm in de tijd opgerekt, waardoor het lijkt alsof de recente veranderingen in de temperatuur veel sneller optreden.

 

Temperatuurmeting

 

Tegenwoordig meten we de atmosferische temperatuur met behulp van satellieten, vroeger uitsluitend met weerballonnen. Er is een periode geweest waarin ze parallel werden gebruikt om de satellietgegevens te ijken. Tegenwoordig worden de satellietgegevens zeer betrouwbaar geacht, maar door meteorologische instituten nog steeds niet gebruikt als bron voor de aardse temperaturen. Dan kun je die lekker hoog houden!

    Oppervlaktetemperaturen worden gemeten met aardse weerstations. Deze zijn echter, door toenemende urbanisatie, steeds dichter bij warmtebronnen komen te staan waardoor die vaak te hoge temperaturen aangeven. Ons eigen KNMI heeft in 2009 verklaard dat hun thermometer jarenlang een halve graad te hoog heeft aangegeven. Ik weet niet of de temperaturen dan naar het verleden toe daarvoor gecorrigeerd zijn. Het verschijnsel ‘warmte eiland’ is bekend in de meteorologie. Temperaturen in en rond steden zijn soms wel tot enkele graden hoger dan op het platteland.

    Nadat de atmosferische temperaturen al enige tijd aan het dalen waren (sinds ± 2001) geven de laatste jaren ook oppervlaktetemperaturen een dalende trend aan. Omdat dit niet past in het gecreëerde dramatische beeld, is het aantal meetstations dat nu wordt gebruikt, drastisch verminderd. De aangegeven reden is, dat men alleen die stations wil behouden, die gemakkelijk onderhouden kunnen worden. Maar dat zijn vaak stations bij steden en warmtebronnen. In hoofdzaak stations in buitengebieden, in noordelijke gebieden en in berggebieden zijn uitgesloten. Dat heeft uiteraard een – gewenste – opwaartse trend aan de gemiddelde metingen. Twee onderzoekers naar dit verschijnsel rapporteerden in januari 2010 dat in feite geen enkel historisch oppervlaktetemperatuur-gegeven meer kan worden vertrouwd[1]). Waren er in de 1980-er jaren nog 6000 meetstations, daarna is dat aantal gereduceerd tot 1500, en allemaal op plaatsen waar ze beïnvloed worden door menselijke warmte-uitstoot.  Met gebruik van deze gegevens kwamen de officiële instituten in januari 2010 tot de conclusie dat december 2009 een van de warmste decembermaanden was sinds 1850. Dit is natuurlijk volstrekt belachelijk, omdat iedereen leed onder de kou en de hevige sneeuwval. Welk odium van onaantastbaarheid hebben deze instituten zich aangemeten, dat zij menen zich dit te kunnen veroorloven! Hieronder is te zien dat de afname van het aantal stations resulteerde in een dramatische stijging van de gemiddelde oppervlaktetemperatuur:

    De situatie rond oppervlaktetemperaturen is echter veel ernstiger. Als je wilt weten hoe ‘wetenschappelijk’ gegevens over oppervlaktetemperaturen zijn, lees dan eens http://data.giss.nasa.gov/gistemp/abs_temp.html (niet meer op Internet). Dat geeft een aardige inkijk in de fabricage van dit soort gegevens. Nederlandse vertaling van dit fraaie stukje proza in Oppervlaktetemperatuur, waarin ook een samenvatting in 15 punten van de situatie met betrekking tot de oppervlaktetemperatuur gegevens. Het blijkt dus dat er over één van de allerbelangrijkste gegevens in de hele klimaatdiscussie, de absolute oppervlaktetemperatuur, geen enkele overeenstemming bestaat, zelfs niet over de definitie ervan. Zullen we het boek nu maar dichtdoen?

 

Temperatuur en CO2-gehalte

 

Van de temperatuurmetingen kunnen we zeggen, dat er in de 20e eeuw geen of nauwelijks meetbare opwarming heeft plaatsgevonden. Er zijn schommelingen geweest. In sommige perioden was het warmer, in andere kouder. Deze zijn in hoofdzaak veroorzaakt door verschillen in oceaanstromingen en misschien verschillen in intensiteit van de zoninstraling. Maar hoe zit het nu met CO2 in de atmosfeer. Dat kan met betrekkelijk eenvoudige middelen worden gemeten. Tuinders doen dat bij en in hun kassen. Maar is dat gehalte dan gelijk aan dat bovenin de atmosfeer? Er wordt aangenomen dat dat inderdaad zo is, omdat CO2 zich snel verspreidt.

    CO2 is, evenals waterdamp, een zgn. ‘broeikasgas’, al is die benaming niet feitelijk juist. De aarde kan niet met een broeikas worden vergeleken. Beter is, om te zeggen dat waterdamp en, in mindere mate, de geringe hoeveelheid CO2 (0,038%) warmte vasthouden. Zonder de enorme waterdampmantel zouden de temperatuurschommelingen op aarde ondraaglijk zijn, net als op de maan, en zou ook de gemiddelde temperatuur een stuk lager zijn. Maar zowel waterdamp als CO2 vertonen een zgn. negatieve feedback, wat wil zeggen, dat toename van het gehalte steeds minder de temperatuur verhoogt. Elke hoeveelheid waterdamp of CO2 erbij geeft afnemende verhoging van de temperatuur. Dit noemt men de wet van de verminderde meeropbrengsten. Er zijn wel schattingen gemaakt van de temperatuurstijging bij bepaalde CO2-gehaltes, maar in de praktijk zijn die steeds verder naar beneden bijgesteld. Een verdubbeling van het CO2-gehalte geeft waarschijnlijk niet meer dan 0,5°C verhoging in de gemiddelde oppervlaktetemperatuur.

 

    Gemiddelde temperatuur is een fictief gegeven. Niemand voelt ooit een gemiddelde temperatuur. Wij voelen, en de atmosferische processen reageren op, actuele temperaturen. Die sturen de processen. Een gemiddelde temperatuur ontstaat in rekenmodellen door het verwerken van een heleboel lokale temperaturen over lange tijd. En als je denkt dat dit een simpel iets is, lees dan het boek van Joseph d’Aleo en Anthony Watts [1].

    Nu liepen in de 1980-er jaren de gemiddelde temperaturen zowat gelijk op met het CO2-gehalte. Daaruit ontstond de klimaathype, die aannam dat de temperatuur zou blijven stijgen als CO2 bleef stijgen. Deze opvatting bleek al snel niet meer door de feiten te kunnen worden gecorrigeerd. Er werden, gestimuleerd door het IPCC, pogingen ondernomen om aan te tonen dat de opwarming in onze tijd dramatische vormen aannam, als gevolg van de stijgende CO2-uitstoot. En je ziet het dan van kwaad tot erger gaan. Werd in de eerste publicaties nog uitgegaan van de algemeen bekende, en door vele publicaties bevestigde, Middeleeuwse Warme Periode en de Kleine IJstijd, (zie hieronder),

in de publicatie van 2001 is dit schema vergeten en duikt het zgn. ’hockeystick’-model op:

Dit model is het gevolg van een gigantische knoeierij en manipulatie. Want  in de wetenschap (de echte, dan) is het gebruikelijk, als je komt met een nieuwe voorstelling van zaken over een onderwerp, waarover men het algemeen eens is, dat je dan eerst helder uiteenzet, om welke reden de tot dan toe gehanteerde algemene opvatting niet meer deugt. Maar zo'n verklaring zul je vergeefs zoeken in de IPCC-documentatie. Hier is gewoon gedaan alsof de neus bloedt en is plompverloren een nieuwe voorstelling als waarheid naar voren gebracht. Zowel de M(iddeleeuwse) W(arme) P(eriode) als de K(leine) IJ(stijd) zijn hier verdampt en de temperatuur neemt aan het einde van de 19e eeuw een enorme spurt. Hier heeft het gewenste resultaat bepaald wat er hoe dan ook uit moest komen. Al Gore heeft dat in zijn doemscenario-film ‘An Inconvenient Truth’ dan verder tot grote, doch belachelijke hoogten opgevoerd. In latere rapporten van IPCC wordt deze uitglijder niet meer prominent genoemd, maar hij fungeert nog steeds op de achtergrond. Lees het boek 'The Hockey Stick Illusion - Climategate and the Corruption of Science' [2].

 

 

Hoe weet IPCC zo zeker dat CO2 de temperatuur drijft?

 

Dat volgt uit de opdracht die het IPCC kreeg toen het is opgericht. Die opdracht was:

1. informatie bijeenbrengen die aantoont dat de aarde catastrofaal opwarmt door menselijke uitstoot van CO2

(AGW – anthropogenic global warming), en

2. maatregelen voorstellen om het CO2-gehalte en de CO2-uitstoot te verminderen.

    Inderdaad is CO2 een zgn. 'broeikasgas', d.w.z. het zorgt voor een - overigens zeer geringe - verhoging van de atmosferische temperatuur. Men noemt dat 'forcing'. Maar IPCC voorziet in nog een ander fenomeen, wat 'terugkoppeling' heet. Nu zijn in de natuur vrijwel alle terugkoppelingen negatief, wat wil zeggen dat een bepaalde trend wordt tegengewerkt. Zoals bij een thermostaat in huis. Als de temperatuur te hoog wordt schakelt de verwarming uit. Volgens IPCC is er bij CO2 sprake van positieve terugkoppeling: een minimale temperatuurverhoging veroorzaakt een veel grotere temperatuurverhoging. Dat kan zover gaan - nog altijd volgens IPCC - dat er een zgn. 'runaway'-verhoging plaatsvindt, nl. als we een zgn. 'tipping point' overschrijden. Dan loopt de temperatuurverhoging volkomen uit de hand en is niet meer te stoppen.

    In de computermodellen die het IPCC gebruikt is deze situatie ingeprogrammeerd. Het is duidelijk dat zij telkens weer een hogere temperatuur voorspellen dan er in de praktijk uitkomt. Dat ligt dus aan de gehanteerde rekenregels in hun model.

Nu hebben ze die verhouding in de loop van de tijd wel wat bijgesteld, want de voorspelde temperaturen bleken toenemend lager te liggen.

    Vervolgens stop je die temperatuur aan de voorkant in een model dat  de verhouding tussen temperatuur en smelten van ijskappen weergeeft. Aan de achterkant komt dan de zeespiegelstijging eruit. Vervolgens projecteer je die op een wereldkaart en voilà, Amersfoort ligt aan zee! Simple comme bonjour!! De toenmalige staatssecretaris Frans Timmermans liet zo’n grote kaart met verzopen gebieden zien aan een groepje verbaasde journalisten. Hij gelooft dat echt onwrikbaar!!! Maar het gebruik van wiskundige (computer)modellen vereist een terughoudendheid, die echter in het klimaatdebat volledig verdwenen schijnt te zijn. Zie de pagina over deze modellen.

    En de zon dan? En de invloed van de wolken dan? Tja, daar doen we niet aan, dan wordt het te ingewikkeld. We houden het op CO2, dat was de opdracht. En kloppen op deze manier de goedgelovige politici honderden miljarden uit de zak. En wij maar energiebelasting dokken, steeds meer, steeds meer. . .

 

Temperatuur en CO2-gehalte in het verleden

 

    Is bekend hoe in het verleden temperatuur en CO2-gehalte zich hebben verhouden? Ja, dat is bekend, maar het iets minder simpel dan voor- en tegenstanders beweren. Het is nooit zo dat een verhoogd CO2-gehalte een temperatuurstijging start. Er is altijd een ander fenomeen, waarschijnlijk de zoninstraling, dat een impuls geeft tot temperatuurstijging in de atmosfeer. Daardoor begint ook de oceaan op te warmen, maar die warmt veel langzamer op, omdat water een zeer hoge soortelijke warmte bezit. Er moeten veel calorieën in water worden gestopt voordat het een graad in temperatuur is gestegen. Bovendien is de inhoud van de oceanen immens. Dus dat duurt een hele poos. Hierdoor komt er CO2 vrij, maar er gebeurt nog iets: in de bovenste waterlagen neemt de biologische activiteit toe en ook dit brengt meer CO2 in de atmosfeer. Daardoor zie je na enige tijd het CO2-gehalte vooruitlopen op de temperatuurstijging, omdat CO2 warmte vasthoudt. Na verloop van tijd stelt zich een nieuw evenwicht in. Vaak gaat de temperatuur dan dalen, waarschijnlijk aangestuurd door vermindering van de zoninstraling (zoals het ook nu [februari 2010] aan het gebeuren is). Na verloop van tijd daalt dan ook het CO2-gehalte, maar dat gaat aanzienlijk langzamer dan de daling van de temperatuur. Dus bij dalende temperaturen volgt het CO2-gehalte lang niet in hetzelfde tempo.

    Als de verhoogde temperatuur langer aanhoudt, warmt ook de oceaan op tot steeds grotere diepten. Bij aansluitende temperatuurdaling duurt het dan ook veel langer voordat het CO2-gehalte begint te dalen. Het is geen eenvoudig en gelikt verhaal. De totale relatie tussen zon, CO2, waterdamp, oppervlakte- en oceaantemperatuur is complex en in de verste verte nog niet doorgrond. Vandaar dat boude uitspraken, zowel van Al Gore als van klimaatsceptici, een beetje voorbarig zijn.

    De opvatting dat de atmosfeer opwarmt door verhoogd CO2-gehalte is simplistische flauwekul. Het is veel complexer. Maar het is wel de basis van de hele klimaathysterie, en de basis van het bestaan van zoiets als het IPCC. Eigenlijk moet daar snel een eind aan komen. Veel meer onderzoek is nodig. En niet met verpolitiekte vooroordelen, maar vanuit een open wetenschappelijke mentaliteit. Dat vereist natuurlijk ontbinding van het IPCC en oprichting van een nieuwe groep, nu met op betrouwbaarheid gescreende wetenschappers, die op geen enkele manier bij de huidige manipulatiegroep betrokken is. En misschien kunnen Al Gore en Pachauri hun ten onrechte toegekende Nobelprijs voor de Vrede, eigener beweging of desnoods gedwongen, teruggeven, als straf voor hun gelieg en gemanipuleer.

 

Hoe kwam het ‘hockeystick’-model tot stand?

 

Ja, hoe is die immense ommezwaai in slechts weinige jaren te verklaren?

    Ten eerste beweerde het IPCC dat de Middeleeuwse Warme Periode (MWP) niet wereldwijd was, maar een typisch Noordwest-Europees verschijnsel. Deze onjuistheid is intussen gelogenstraft. Verder is het dal van de Kleine IJstijd (KIJ) gewoon opgevuld! Hoe kan dat? Dan moeten we eerst iets zeggen over temperaturen uit het verleden. We meten nog maar betrekkelijk kort de temperaturen wereldwijd met thermometers. In vroeger eeuwen bestonden die dingen niet. Maar door interpretatie van allerlei gegevens uit ijsboorkernen en oceaanboorkernen kan men redelijk nauwkeurig de temperatuur afleiden. Ook jaarringen van bomen kunnen nuttig zijn, hoewel men hier voorzichtig moet zijn. Jaarringen groeien door verschillende oorzaken: warmte, vochtiger weer en CO2-gehalte. Dus: jaarringen spreken met dubbele tong. Deze afgeleide gegevens noemen we ‘proxies’ (van Engels: approximation = benadering).

    Nu is uit in de openbaarheid gekomen e-mails bekend geworden dat er intensief overleg is geweest tussen de drie klimaatinstituten. Er is gemaild, door een van de medewerkers aan het klimaatonderzoek aan Dr. David Deming van Oklahoma University: ‘we moeten af zien te komen van die MWP’. Ja, natuurlijk, die zat danig in de weg voor het te creëren rampenscenario. Goed, die is weggewerkt. Hetzelfde lot onderging de KIJ. Maar nu moest nog een enorme opwarmspurt aan het eind van de rit worden gecreëerd. Dat werd op de volgende manier gedaan:

Hierboven zien we twee grafieken van jaarringdikten. De onderste is één uit een hele reeks min of meer gelijkvormige grafieken van een hele serie bomen. De bovenste is van een groep bomen op Sheep Mountain in Californië (USA). Michael Mann, de samensteller van het hockeystick-model, heeft nu de hele reeks jaarringgrafieken volgens het onderste model een gewicht van 1 gegeven, en die van het bovenste model een gewicht van 390. Zo kwam die hockeystick er gemakkelijk uit tevoorschijn. Dit is natuurlijk statistische knoeierij van de bovenste plank. Maar deze mensen achtten zichzelf zo onaantastbaar, dat ze meenden dat ze zich dit wel konden veroorloven. Al Gore heeft zichzelf volstrekt belachelijk gemaakt, toen hij dit model ging gebruiken in zijn misleidende doemfilm.

    Zie voor het treurige verhaal het boek van A.W. Montford: The Hockey Stick Illusion. Wie daarbij zijn ogen droog kan houden, is een harde! Het materiaal voor dit model bestaat uit zgn. 'proxies', in dit geval gegroepeerde boomjaarring-grafieken. De werkwijze die de samensteller Michael Mann heeft gevolgd, zou ook een hockeystick opgeleverd hebben als hij grafieken met alleen maar random ruis zou hebben gebruikt. Zegt dit niet genoeg over de schandelijke knoeierij? En niemand van de club die iets zei. Allemaal boter op hun hoofd. Of gewoon te stom?

    Enkele jaren later, nadat er een orkaan van kritiek op is geweest, is het zachtjes naar de achtergrond geschoven, maar nooit herroepen. Het schijnt dat Al Gore er nog in gelooft!!!

 

    Deze hele leugenfabriek heeft op volle toeren verder gewerkt. Er zijn onderweg steeds zeer goed geïnformeerde critici geweest, o.a. Stephen McIntyre en Ross McKitrick, die de instituten permanent hebben bestookt met vragen, verzoeken om gegevens (die ze alleen kregen door te dreigen met rechtszaken, hoewel ze daar wettelijk recht op hadden) en kritische opmerkingen, die doorgaans werden genegeerd. Maar interne correspondentie toont aan dat ze er behoorlijk geïrriteerd en zenuwachtig van werden.

    Al deze manipulaties en knoeierijen zijn een aanfluiting voor de pretentie, met wetenschap bezig te zijn geweest. Wetenschap zoekt naar de waarheid, op een kritische en onderzoekende manier, en laat kritische deskundigen toe, om hun werk te controleren. Peer-review heet dat. Maar in het geval van het IPCC zijn de ‘peers’ vrijwel altijd medestanders uit eigen kring geweest!! In het hele klimaatgedoe is er nooit sprake van objectieve controle geweest. Altijd heeft voorop gestaan dat MOEST worden aangetoond dat menselijke CO2-uitstoot de aarde zo gevaarlijk opwarmde dat er een enorme catastrofe aan zat te komen. We zouden een ‘tipping point’ naderen, waarna geen terugkeer mogelijk was. Maar de atmosfeer blijkt een zelfregulerend systeem te zijn, waar negatieve feedback regel is en positieve feedback in feite niet voorkomt. Dus de hele toestand, met alle verspilde miljarden, de opgeklopte leugens en de angstaanjagerij, was en is volstrekt onproductief.

 

    Dr. Henk Tennekes, voormalig directeur research van het KNMI, schreef indertijd aan McIntyre en McKitrick: “Het IPCC review proces is doodziek. . . Het gedrag van Michael Mann is een schande voor ons vak . . . De wetenschappelijke basis voor het Kyoto protocol is op grove wijze ondeugdelijk!”

            EEN GROTE SCHANDE ! ! !

 

Smeltende ijskappen en stijgende zeespiegel?

 

    Er blijven hardnekkige verhalen circuleren over smeltende ijskappen op de Noord- en de Zuidpool. Nu, de Noordpool heeft geen ijskap, omdat het een zeegebied is, met alleen drijfijs. Voor een ijskap is een stuk land nodig. Dicht bij de Noordpool ligt het grote eiland Groenland waarop sinds de ijstijd een kilometers dikke ijskap ligt. Hetzelfde geldt voor Antarctica, ook dat is een enorm eiland, in grootte een beetje vergelijkbaar met Australië en vele malen groter dan Groenland. Van beide ijskappen stromen gletsjers naar de omringende zee. In Groenland zijn de meeste gletsjers in het zuidelijke deel, daar stroomt nl. het warme water van de Warme Golfstroom langs. Het effect daarvan is goed te zien op de opnamen van de polen op de website http://arctic.atmos.uiuc.edu/cryosphere/. Je ziet daar dat de zee ook ’s winters open blijft tot Spitsbergen en tot Nova Zembla. Daarachter ligt het drijfijs.

    Door de enorme druk van die ijskappen, vloeien die als het ware een beetje naar de zijkant uit. Daar ontstaan gletsjers: ijsrivieren die naar de zee stromen. In warmere perioden kan er wat meer ijs naar de zee stromen dan er als sneeuw op de ijskap valt. Die ‘krimpt’ dan een beetje. Maar in koudere perioden groeien de ijskappen weer aan en worden dikker. De laatste jaren wordt de ijskap van Groenland zo’n 5 cm per jaar dikker, dat komt omdat er door de  Warme Golfstroom veel water verdampt en als sneeuw op Groenland valt. Zie http://www.co2science.org/articles/V8/N44/C1.php. Antarctica groeit wat minder, enkele millimeters per jaar, omdat het water er omheen veel kouder is. Maar de temperatuur in, en aan de oppervlakte van de ijskappen daalt nog steeds. De schrikaanjagende voorspellingen van Al Gore (Amersfoort aan zee, Bangladesh volledig onder water, de Malediven verdronken, Tuvalu ontvolkt, etc.) slaan echt nergens op en zijn volstrekt belachelijk. Bij de Malediven is de zeespiegel sinds 1970 30 cm gezakt (waarschijnlijk door stijging van deze koraaleilanden). Dat de regering van deze eilanden onder water vergaderde was niets anders dan een onzinnige publiciteitsstunt om geld van de UN los te krijgen. Waarvoor? Om een nieuw toeristenressort te bouwen (op zinkende eilanden?).

 

    Het netto effect is dat geen van beide ijskappen bijdraagt aan een stijging van de zeespiegel. Bijdragen aan de stijging worden wel – in geringe mate – geleverd door terugtrekkende gletsjers in de gematigde gebieden. Maar ook deze blijken niet permanent terug te trekken. In de 14e tot 19e eeuw (Kleine IJstijd) zijn vele gletsjers enorm gegroeid, en hebben de in mensenheugenis maximale grootte bereikt. Zie onderstaande grafiek voor de Grote Aletschgletsjer in Zwitserland, die model staat voor vele Alpengletsjers. Geringe bijdragen aan de zeespiegelstijging worden verder geleverd door: oppompen van grondwater voor bevloeiing, dat weer naar zee vloeit; opwarming van de oceanen, hoewel dat weer aanleiding geeft tot meer verdamping, wat de zeespiegel weer doet zakken. Maar het aanleggen van stuwmeren stelt afvloeiing naar zee uit en verlaagt dus de zeespiegel weer. Deze zaken zijn echter niet of nauwelijks meetbaar. Van alle processen schijnt opwarming en dus uitzetting van zeewater het meeste bij te dragen. We hebben nog steeds te maken met een herstel vanuit de Kleine IJstijd en daarom een geringe opwarming, dus zal de zeespiegel nog langzaam iets stijgen.

    Hoe meten we de hoogte van de zeespiegel? Dat werd tot voor kort gedaan met peilschalen, en hoofdzakelijk op het noordelijk halfrond en in Australië en Nieuw-Zeeland. Maar peilschalen zakken met de bodem mee en geven dus ten onrechte een zeespiegelstijging aan. De laatste jaren wordt de hoogte van de zeespiegel gemeten met behulp van satellieten. Door het aanwenden van speciale technieken kan dat zeer nauwkeurig gebeuren. Het blijkt dat de zeespiegel vrijwel wereldwijd wel iets stijgt, maar afnemend en per jaar nog maar zeer weinig.

     Een belangrijk effect is daling van de bodem. In Nederland daalt de bodem nog steeds met ± 5 cm per eeuw, in het westen zelfs sneller, door wateronttrekking en gewicht van de bebouwing. Zelfs zonder zeespiegelstijging moeten we daar dus iets mee doen. Maar op sommige plaatsen stijgt de bodem en daalt dus de zeespiegel, bijv. Schotland en Zweden (Stockholm 40 cm in de laatste 100 jaar). Dit als gevolg van zgn. isostatische vereffening: het land veert nog steeds op nadat de enorme druk van de ijstijdgletsjers is weggevallen.

    Alles tezamen is zeespiegelstijging te verwaarlozen. Maar in Nederland moeten we met de bodemdaling wel degelijk serieus rekenen.

 

Geeft opwarming aanleiding tot meer en zwaardere orkanen?


    Er is door de klimaatlobby regelmatig geroepen, dat die ellendige opwarming zorgt voor toename van orkanen en ook nog voor toenemende kracht daarvan. Ook weer één van die vogelverschrikkers van de klimaatalarmisten. Is het waar? Nee, dat klopt niet. Kijk maar op onderstaande grafiek, afkomstig van de Amerikaanse NOAA (National Oceanic and Atmospheric Administration):

 

Daaruit blijkt dat in koelere periodes de meeste zware orkanen optreden (kracht 3, 4 en 5). Hoe dat precies komt, weten we niet. Modellen zeggen precies het omgekeerde. Maar meten is nog steeds weten! Ook de totale energie van die orkanen, tyfoons en tropische cyclonen vertoont geen stijging maar varieert door de tijd heen. Zie onderstaande grafiek. De onderste lijn geeft het verloop weer op het Noordelijk halfrond, de bovenste lijn van het aardse totaal. Het middenvlak geeft het verloop op het Zuidelijk halfrond weer (daar zijn over het algemeen veel minder orkanen):

 

Ook deze vogelverschrikker verliest op die manier wel zijn beangstigende functie.

    Maar orkanen, ook al zijn ze niet zo zwaar, zijn natuurlijk altijd verschrikkelijke dingen. Elke toename creëert een grote hoeveelheid menselijk leed. Maar het ziet er niet naar uit dat wij mensen er veel aan kunnen veranderen. De totale door orkanen berokkende schade neemt wel toe, maar heeft in hoofdzaak te maken met het bouwen in risicogebieden, duurdere huizen en bezittingen. Over het algemeen worden onze samenlevingen daardoor kwetsbaarder.

 

Warmt de aarde nog steeds op of koelt het nu af?

 

    Het is erg interessant om eens te kijken naar de temperatuurgrafieken die worden gepubliceerd door het IPCC, en daarnaast de gegevens te leggen van de twee instituten die temperatuurgegevens van satellieten verzamelen. Het gaat dan om de temperatuurtrend van de jaren 1975-2009. De officiële IPCC-gegevens gaan nog vrolijk de lucht in, maar de satellietmetingen geven een stagnatie aan vanaf het jaar 2000. Dus waar praten we nog over?

(Verklaring: GISS = Goddard Institute for Space Studies, het rekencentrum van NASA, dat zich tegenwoordig niet meer met ruimtevaart maar met het klimaat bezig houdt; A, B en C zijn 3 runs van het klimaatsysteem. De eerste twee alternatieven zijn zonder maatregelen tegen CO2, en C geldt voor het geval er drastische beperkingen in de CO2-uitstoot zullen optreden. UAH = Universiteit van Alabama, Huntsville, de stek van Christy en Spencer, RSS = Remote Sensing Systems, een andere club die op een wat andere manier de satellietgegevens verwerkt. LT = Lower Troposphere, het gebied waarover de metingen gaan, dit is het laagste stuk van de troposfeer, het gebied waar het weer zich afspeelt. De satellieten meten ook de temperatuur boven de oceanen en gedeeltelijk die boven de polen. Sfc-Adj = Surface Adjusted: temperatuur teruggerekend naar oppervlaktetemperatuur.

    Maar de klimaatalarmisten vertellen ons, dat het NU wel afkoelt, maar dat het later weer zal opwarmen! Hoe weten zij dat zo zeker? Wel, dat volgt uit hun computermodellen! Maar. . . wie gelooft dat nou eigenlijk nog? Toch zal het nog geruime tijd duren voordat deze hype afsterft. Er hebben teveel mensen van geprofiteerd, er is teveel gemeenschapsgeld aan uitgegeven, er zijn reputaties mee gemoeid, er zal enorm gezichtsverlies optreden. Dat kan zomaar niet teruggedraaid worden, er moet langs wegen van uiterste geleidelijkheid geretireerd worden. Leugens werken lang door. Dat kan nog een spannende tijd worden!!!!

 

Nog wat recente blunders:

 

De Himalaya gletsjers

 

    In het IPCC rapport van 2007 komt een passage voor over het krimpen van de Himalayagletsjers, dat ook een gevolg van de onvermijdelijke opwarming van de aarde zou zijn. Maar hoe zit het echt?

 

    In 1999 had de journalist Fred Pearce voor het tijdschrift ‘New Scientist’ een kort telefonisch interview met Syed Hasnain, verbonden aan de Nehru Universiteit in Delhi. Hasnain had iets geroepen over Himalaya gletsjers die in 2035 gesmolten zouden zijn, en Pearce was daarin geïnteresseerd. Hasnain heeft sindsdien beweerd dat die claim van hem speculatie was, niet ondersteund door enig onderzoek. Hij zei dat er een rapport van hem naar de C(limate)R(esearch)U(nit) in Engeland zou worden gestuurd. Pearce kreeg een kopie van dat rapport te pakken maar het beweerde niet wat Hasnain had beweerd, nl. dat de gletsjers in 2035 gesmolten zouden zijn. Ook stelde het, dat verhoogde afsmelt slechts gold voor enkele gletsjers, lang niet voor alle. Geen reden tot enige verontrusting, dus.

 

    De hele zaak zou vergeten zijn, ware het niet dat het Wereld Natuurfonds het interview uit 1999 – zonder de correcties – in 2005 opnam in zijn rapport ‘Overzicht van gletsjers, gletsjer-terugtrekking en zijn gevolgen in Nepal, India en China’. Nu was dit geen wetenschappelijk rapport, niet onderbouwd met enige data en niet gerevideerd door enige deskundige op het gebied van gletsjers. Een verhaaltje dus.

    Toen prof. Murari Lal, verantwoordelijk voor – maar niet deskundig op – het gebied van gletsjers voor het IPCC, dit verhaal las in het blad van het WNF, nam hij het onmiddellijk over zonder enig verder onderzoek (een doodzonde voor een wetenschapper!), zette erbij dat het meer dan 90% waarschijnlijk was, en nam het jaar 2035 aan als het jaar waarop de Himalaya kaal zou zijn. Hoe is het mogelijk dat een buitenstaander als Lal zo'n key-item als gletsjersmelt onder zijn verantwoordelijkheid heeft, terwijl hij heeft toegegeven dat hij van gletsjers niets weet. Bovendien heeft hij geen enkele poging ondernomen om de gegevens wetenschappelijk te verifiëren, terwijl het IPCC – naar eigen zeggen – toch zo’n hoge waarde hecht aan wetenschappelijke exactheid. Is dat het wetenschappelijk gehalte van het IPCC?

Maar er staan meer blunders en slordigheden in het gedeelte over de Himalaya gletsjers. Om er nog enkele te noemen:

1.       De werkelijke totale oppervlakte van de Himalaya gletsjers is ± 33.000 km2. Het rapport zegt dat in 2035 van de huidige 500.000 km2 er nog maar 100.000 over zullen zijn. (Nu, dat is ± 11 km3 smeltwater per dag! Gemiddeld! Met pieken van het tienvoudige! Arme Indiërs!! Maar gelukkig voor India is het niet echt!)

2.       In een tabel staat dat de Pindari gletsjer tussen 1845 en 1965 slonk met 2.840 m, dus met 135,2 m per jaar. Even narekenen komt op 23,5 m per jaar, een normale waarde voor een gletsjer in een opwarmende omgeving.

Kijkt niemand eigenlijk zo’n rapport nog even na, voordat het gepubliceerd wordt? Dit verhaal werd dus in het IPCC rapport van 2007 opgenomen. En o.a. dit rapport overtuigde het Nobelprijscomité zo ernstig dat ze er een Nobelprijs voor de Vrede aan toekenden, gedeeld met superalarmist Al Gore. Hoe deskundig is het Nobelprijscomité? Waar blijft de grond om onze wetenschappers te vertrouwen? Moet deze mestvaalt niet eens grondig omgespit worden?

 

    Er is geen bronnenonderzoek gedaan, er staat geen enkele wetenschappelijke research achter, cijfermateriaal is nergens te vinden. Nu wordt beweerd dat het jaartal 2035 eigenlijk 2350 moet zijn. Maar dit is even onzinnig, omdat niemand een steekhoudende voorspelling kan doen over het gedrag van gletsjers over 340 jaar. Kijk naar het gedrag van de Alpengletsjers (afbeelding hierboven van de Grote Aletschgletsjer). Dit is gewoon een flauwe opmerking, in de hoop nog enige geloofwaardigheid te redden, maar het is natuurlijk een groteske slag in de lucht, die met wetenschap niets te maken heeft. Vele deskundigen zeggen en schrijven al jaren dat de kwaliteit van het IPCC werk wetenschappelijk gezien beneden alle peil is. Het zal hopelijk niet allemaal zo beroerd zijn als dit voorval, maar geofysici en klimatologen, waarmee ik contact houd, geven mij regelmatig materiaal waaruit het absolute tegendeel blijkt van datgene wat IPCC en hun epigonen  beweren.

    Helaas hebben zij geen of nauwelijks toegang tot de pers en wordt hun werk door voorzitter Pachauri van het IPCC (een spoorwegingenieur!) beschreven als ‘voodoowetenschap’. En onze slimme staatssecretaris van Buitenlandse Zaken Frans Timmermans beweert met een stalen gezicht dat de ‘klimaatsceptici’ personen zijn die feestjes bouwen met andere sprookjesfiguren die geloven dat de aarde plat is. Dit zijn de argumenten die de voorvechters van de redding van de aarde kunnen opbrengen om hun – vaak ter zake kundige en goed ingevoerde – opponenten af te sneren. Wie kan deze lieden eens een ferme tik met een houten hamertje geven om uit hun verdoving te ontwaken!!

    Het Britse parlement heeft een onderzoek gelast naar de knoeierij en manipulatie bij het CRU. Zij wel. Ons land behoort nog tot de brave volgelingen en ‘diepgelovigen’ in de klimaatleugens, KNMI voorop. Maar misschien kan ons parlement zich bij de Britten aansluiten?

 

Andere krimpende gletsjers

 

    Ook stonden er in het rapport van 2007 berichten over krimpende gletsjers in de Alpen en de Andes. Nu zal dat best waar zijn, gletsjers krimpen nu eenmaal, dat is hun lot. Hoewel het vaststellen daarvan nog lang niet eenvoudig is. Krimpen ze alleen in de lengte? Of ook in de dikte? Wordt het totale ijsvolume groter of kleiner? En wat zijn daarvan dan de oorzaken? Op al deze vragen zijn tot op heden nog geen eenduidige antwoorden te geven. Maar hoe dan ook, de bronnen voor deze berichten waren toch wat vreemd. Het alarmerende verhaal over de Alpengletsjers was ontleend aan een scriptie van de professionele Zwitserse berggids Dario-Andrio Schworer, voor zijn graad in de aardrijkskunde aan de Universiteit van Bern, waarin hij berichtte over 80 interviews met Zwitserse berggidsen uit het Bernina-gebied. Het bericht over de Andes was geschreven door Mark Bowen, een bergbeklimmer en ‘global warming’ schrijver, in het tijdschrift ‘Climbing’ in 2002. Beiden vermeldden dat deze afsmelt het gevolg was van ‘global warming’. Hoe wisten ze dat zo precies?

    Het is waar, bergbeklimmers zijn scherpe waarnemers en hun bericht zal best wel kloppen. Maar het verontrustende is, dat IPCC deze niet-wetenschappelijke verhalen als feit in hun rapport opneemt, omdat het goed past in het doemscenario, zonder dat daar enige wetenschappelijke onderbouwing aan ten grondslag ligt. Het IPCC hecht toch zo aan goed-wetenschappelijke verhalen?

 

Nu zullen deze blunders de echte gelovigen niet deren. Ach ja, een foutje maakt iedereen toch wel eens? Maar de rest staat als een huis; de conclusies zijn onaantastbaar: de aarde warmt op door menselijke CO2-uitstoot en als we niet snel wat doen, slaat Gaia hard terug. Wee ons!

 

Ontluikende nieuwe dreiging: verzuring van de oceanen

 

    Geraken we nu, na toenemende kritiek en blunders, af van de cultuur van de VN-vogelverschrikkerij? Geloof het maar niet! Er liggen laden vol met nieuwe angstscenario’s op afroep, bijv. de verzuring van de oceanen. De druk blijft op de ketel. De macht moet over naar VN-organen, waarvan er geen enkele democratisch gecontroleerd wordt.

    Die nieuwe vogelverschrikker lag al een poosje op de plank, al vanaf 2003. Maar hij was nog niet nodig omdat het tot nu toe wel lekker liep met de huidige bangmakerij. Maar nu er serieuze kritiek dreigt los te komen, wordt het oude onderzoek opgepoetst en van de plank gehaald. Zie http://scienceandpublicpolicy.org/images/stories/papers/originals/acid_seas.pdf. In de USA is er al een film over gemaakt die o.a. in scholen wordt gedraaid. Vergiftig de jeugd het eerst, dat scheelt later een hoop werk! Maar eerst een stukje chemie:

 

    Oceaanwater – en alle water – heeft allerlei chemische eigenschappen, die het geschikt maakt als leefomgeving voor een enorm gevarieerd aantal levensvormen: plankton, algen, vissen, zeezoogdieren, schelpdieren, krabben en kreeften, wormen, maar ook poliepen, kwallen, zeelelies, zee-egels, koralen, etcetera. Eén van die eigenschappen is de ‘zuurgraad’, die wordt uitgedrukt in pH, waarbij de ‘p’ betekent potentie en de ‘H’ betekent positieve H(waterstof)-ionen. Zuiver water heeft een pH van 7, hogere waarden betekenen dat de vloeistof alkalisch, of basisch, wordt, lagere waarden geven verzuring aan. De pH-schaal is omgekeerd logaritmisch, wat wil zeggen dat elke lager nummer een 10-voudige concentratie (van positie H-ionen) aangeeft, en elk hoger nummer dus een concentratie van 1/10e. Als CO2 in water  is opgelost, dan verbindt een klein deel van dat CO2 zich met water tot H2CO3 (koolzuur). En het is deze stof die de zuurgraad van water verhoogt en dus de pH doet dalen.

    Nu is de oceaan een enorm reservoir van CO2. Als de temperatuur van het water stijgt (wat tussen 1750 en 1994 het geval was) kan dit minder CO2 bevatten en wordt een deel van dit enorme reservoir aan de atmosfeer afgestaan. Dat gaat niet acuut, er is tijd nodig om het CO2 ‘los te maken’ en los te laten. Dat betekent dat er in zo’n opwarmtijd een iets hoger gehalte aan CO2 in de oceaan zal zijn en dus ook een iets hoger gehalte aan H2CO3, wat leidt tot een iets lagere pH. Nu is die iets lagere pH ook gemeten. Hoewel we daar voorzichtig mee moeten zijn, want je meet de pH van zeewater niet simpel door op een paar plaatsen een pH-meter in het water te steken en het gemiddelde van de aflezing te nemen. Het is geen eenvoudige chemische fabriek!! De zuurgraad varieert nl. per dag of nacht, per seizoen, per plaats op de wereld, en de watertemperatuur. Tweemaal meten op dezelfde plek, enkele dagen na elkaar op dezelfde tijd, geeft verschillende aflezing. Dus het bepalen van de ‘gemiddelde zuurgraad van de oceaan’ is al net zo tricky en onduidelijk als het meten van de gemiddelde aardse oppervlaktetemperatuur (zie pagina Temperaturen). De pH-waarde van de oceanen varieert tussen 7,9 en 8,3. Op sommige plaatsen is een variatie gemeten van 7,8 tot 8,4 binnen 24 uur! De veronderstelde daling van gemiddeld minder dan 0,1 pH in oceaanwater noemt men in IPCC-termen nu de ‘verzuring van de oceanen’. Maar het is natuurlijk pure onwetenschappelijke quatsch! De oceanen verzuren niet, ze worden hoogstens een fractie minder alkalisch. In het document http://scienceandpublicpolicy.org/images/stories/papers/originals/coral_co2_warming.pdf vindt u een goede beschrijving van het huidige kennisniveau over dit onderwerp, toegespitst op het vermeende verdwijnen van koralen.

 

    Maar een goede vraag is natuurlijk: stijgt de oceaantemperatuur eigenlijk wel? En het eenvoudige antwoord is: nee! Sinds halverwege 2003 wordt er wereldwijd een netwerk van drijvende en zwevende boeien, het Argo systeem, in de oceanen onderhouden. Deze dalen in een halve dag naar 2000 meter, blijven daar enige tijd en stijgen dan in een halve dag weer naar de oppervlakte. Daar seinen ze hun verzamelde data naar een satelliet, die dit weer doorgeeft naar ontvangers op het land, waar de verzamelde data wordt verwerkt. Het probleem voor gewone mensen is dat je deze publieke gegevens niet te zien krijgt. In het begin nog wel, maar toen duidelijk werd dat deze data ongunstig is voor de klimaathysterici, is het moeilijk geworden om deze gegevens te verkrijgen. Maar uit de onderstaande grafiek blijkt dat de oceanen niet opwarmen, alle gelieg hierover ten spijt. Waarom het publiek deze gegevens - die OPENBAAR zijn! - niet mag zien, is duidelijk. En het is weer een bewijs van de liegende, bevoogdende en manipulerende grondhouding van de hele klimaatkliek. Waarom pikken wij dit eigenlijk nog steeds?

 

 

 

    Wat is de veronderstelde ramp die uit deze hypothetische, doch niet bestaande opwarming wordt gedestilleerd?

    Wel, er wordt verondersteld dat de oceanen CO2 uit de atmosfeer opnemen, CO2 die door het verbranden van fossiele brandstoffen eerst in de atmosfeer en aansluitend ook in de oceanen terecht komt. Dat klinkt aannemelijk, maar het is flauwekul. Opwarmende oceanen nemen geen CO2 uit de atmosfeer op, maar staan die juist af. Het toenemende gehalte aan CO2 in de atmosfeer is juist in hoofdzaak afkomstig van de afgifte van CO2 door de oceanen. Dit deel is dus gewoon bedrog! Maar het gaat verder. Als de oceanen zuur worden, lossen ze de kalkskeletten van koraal op en de schelpen van schelpdieren, zegt men. Dat staat te bezien, zelfs als de oceanen zuur worden (d.i. een pH lager dan 7 hebben), wat theoretisch en praktisch onmogelijk is. Het voorbeeld dat gebruikt wordt is, dat schelpen in het zeer zure azijn (pH van 3) oplossen. Maar ook dit is uiteraard pure volksverlakkerij. De concentratie H-ionen moet dan tot het 10.000-voudige stijgen!! Maar de oceanen zijn geen azijn, ze zijn en blijven alkalisch.

    Er is al heel lang oceaanonderzoek gedaan door een menigte wetenschappers, en hun conclusie is dat de pH-graad van de oceanen in hoofdzaak wordt bepaald door de erin levende organismen. De opname van CO2 (indien al) speelt nauwelijks een rol. Maar ja, dit is echte wetenschap, en die kun je niet gebruiken in de vogelverschrikkerij. Hoe zit het dan echt?

    Dr. J. Floor Anthoni, een Nieuw-Zeelandse oceanoloog, met tientallen jaren ervaring in oceaanonderzoek, zegt er in een samenvatting dit van: “Niets in de zee werkt zoals je verwacht. De natuurkunde, chemie, biochemie, fysiologie, biologie en ecologie werken niet zoals je dacht; de waarheid is vaak tegengesteld aan je intuïtie. De zee is vreemder dan we ons kunnen voorstellen. Wil je iets over de zee leren? Vergeet wat je op school is bijgebracht, stel je open voor nieuwe dingen en begin van voren af aan.” Zie http://www.seafriends.org.nz/issues/global/acid.htm . Ook in dit geval van de zgn. oceaanverzuring is er vrijwel alleen maar sprake van vogelverschrikkerij. Onze kennis van de processen in de oceaan wordt 1000-voudig overtroffen door onze onwetendheid. Stellige uitspraken verraden onkunde.

 

    De door het IPCC en de daaraan verbonden en de daarmee verwante wetenschappers gedane uitspraken, alsof er zekerheid zou bestaan over de toekomst van de oceanen, stammen – alweer – uit computermodellen. Maar als je het onderwerp van je onderzoek niet grondig kent, dan ben je niet in staat je computermodellen met de juiste gegevens te voeden, je bent niet in staat om met zekerheid de processen te beschrijven. Dus is alle voorspelling ook in het geval van de oceaanverzuring hoogmoedige kletspraat. En niets meer!

 

Nog meer?

 

    Er zijn inderdaad honderden pagina’s te vullen met de blunders van IPCC en ondersteunende instituten. Zoals bijv. de bewering dat 55% van Nederland onder de zeespiegel ligt; maar volgens CBS is het ±20%. Verder werd beweerd dat op dit gedeelte van Nederland 65% van het BNP wordt geproduceerd, maar volgens CBS is dit 19%. Je kunt dit direct verifiëren. Maar die moeite is niet eens gedaan. Wat een arrogantie! Maar ik stop er hier mee. De conclusie is simpel en rechttoe-rechtaan: CO2 speelt geen enkele rol in het klimaatgebeuren, en ook wij mensen kunnen het klimaat niet op wereldschaal beïnvloeden. De hele ‘global warming’ zaak is een giller.

    De eigenzinnige Britse meteoroloog Piers Corbyn doet al jarenlang weersvoorspellingen voor de langere termijn, tot een jaar vooruit; hij verfijnt die naarmate de periode dichterbij komt. 85% van zijn voorspellingen komt uit, wereldwijd! CO2 speelt daarin geen enkele rol. Hij voorspelde de twee laatste strenge winters (2008/9 en 2009/10), en de vele sneeuw in deze laatste winter. De Britse weerkundige dienst voorspelde een zachte winter (het warmt immers op door CO2!). Die lezen hun eigen grafieken kennelijk niet! De Britse boeren die Piers’ verwachtingen kopen, sloegen op tijd voldoende brandstof in, vele anderen gingen af op de weerkundige dienst en moesten in de barre winter nog olie zien te krijgen. Maar de laatste tijd horen we niet zoveel meer over dhr. Corbyn. Heeft hij misschien zijn hand een beetje overspeeld, en is te overmoedig geworden?

 

Tenslotte

 

    Beste lezers, we kunnen er wel luchtig over doen, maar het is veel en veel ernstiger dan velen van ons beseffen (en ook ik besefte)! Daarom eindig ik met enkele opmerkingen, ontsproten aan het hart van Lord Christopher Monckton, een van de luizen in de pels van het IPCC:

 

Was er een Middeleeuwse Warme Periode? Ja. Was die periode warmer dan de huidige? Ja. Zijn de huidige temperaturen uitzonderlijk? Nee. Zijn de afgelopen tienduizend jaar warmer geweest dan tegenwoordig? Ja, veel warmer. Is er, daarom, de geringste reden voor de kinderachtige paniek die de extremistische milieubeweging en zijn knechtje het IPCC in elkaar hebben proberen te draaien? Nee. Moeten regeringen nog verder ook maar één euro wijden aan de klimaatpaniek? Nee. Zelfs als de mensheid belangrijk aan warmer weer bijdraagt (wat hoogst onwaarschijnlijk is), dan is aanpassing aan warmer weer, indien nodig, onvoorstelbaar veel goedkoper dan de maatregelen om CO2-uitstoot te reduceren; en dat is wat ’s werelds extremistische politici nu zo gedreven maar absoluut nutteloos propageren.

 

    De werkelijke prijs van dit flagrante misbruik van de wetenschappelijke methode rond de klimaatkwestie, zo goed geïllustreerd door de affaire van de ‘hockeystick’, is een verschrikkelijke, maar onzichtbare prijs in mensenlevens. De biobrandstof-oplichterij die rechtstreeks volgde uit de klimaatpaniek heeft een-derde van de Amerikaanse landbouwgrond uit productie genomen in precies twee jaar. Soortgelijke economische rampen zijn wereldwijd gevolgd, niet vanwege de opwarming van de aarde, maar vanwege de catastrofaal slechte gedragslijn die de klimaatpaniek heeft veroorzaakt onder politici, die te onkundig waren van de wetenschap en te lui om iets anders te doen dan mee te zwemmen met het opkomende tij van pseudo-wetenschappelijke nonsens. 

 

    De milieu-extremisten zijn nu gretig bezig om miljoenen om te brengen door hun laatste op geen enkele wetenschap gebaseerde bangmakerij – de ‘global warming’ paniek pandemie. Over de hele wereld zijn er voedselrellen onder de allerarmsten in vele landen; maar de wanhoop, honger, ziekte en dood die de plotselinge hongersnoden vergezellen, en die veroorzaakt worden door de verdubbeling van de voedselprijzen als gevolg van de verbouw van biobrandstof, worden nauwelijks gemeld door onze nieuwsmedia.  In Haïti eten ze modderkoeken, gemaakt van aarde, water, een klontje boter en een snuifje zout; of ze verkopen die modderkoeken aan minder gefortuneerde medeburgers voor $ 0,03 per stuk. Heeft één westers medium dit gerapporteerd? Of misschien de honderden andere verhalen over hongersnood en uithongering over de hele wereld? Nee! In plaats daarvan wordt elk ijspegeltje dat in Groenland op de grond valt opgevoerd als een voorteken van de aanstaande ondergang. Is er één journalist die het waagt om de onbetrouwbare pseudo-wetenschappers die de hockeystick uitvonden en ondersteunden, en voortgaan om het te showen in de leugenachtige documenten van het IPCC, de vragen voor te leggen die hun egoïstische corruptie zouden blootleggen en laten zien voor wat het werkelijk is? Deze boosaardige pseudo-wetenschappers hebben, door het bedrog met hun statistische manipulaties, al meer mensen omgebracht door verhongering, dan ‘global warming’ ooit zal doen. Zij moesten in staat van beschuldiging worden gesteld en voor de rechter komen naast Radovan Karadzic, voor niets minder dan grote misdaden tegen de menselijkheid: want in hun harteloze minachting voor de fatale gevolgen van hun corrupte vervalsing van de wetenschap, zijn zij niet minder schuldig aan genocide dan hij.

 

Spirituele basis Temperaturen Wiskundig model Ecologisme = religie

[1] Joseph d’Aleo (vak-meteoroloog) en Anthony Watts (meteoroloog voor radio/TV): Surface Temperature Records – Policy Driven Deception?, 2010, Uitg. SPPI / http://scienceandpublicpolicy.org/images/stories/papers/originals/surface_temp.pdf

[2] A.W. Montford: The Hockey Stick Illusion - Climategate and the Corruption of Science, 2010, Uit. Stacey International, London