Rinus Kiel over Bijbel, cultuur en wetenschap

Reageren? Zie home-page                                                                                

======================================================

Home
Site-map
Updates
Deze site + mijzelf
Bijbel en theologie
Israel - volk en land
Filosofische items
Denken en cultuur
Wetenschap
Actualiteiten
Klimaat
Presentaties
Boeken
Weblinks

(Denken en wetenschap in onze cultuur / De 20e eeuw)

Up 'Neo'-filosofieen Fenomenologie Existentialisme Studentenprotest Postmodernisme Reform. filosofie

De 'neo'-filosofieŽn

Nieuw 14/03/2002

Zoek op deze website

Samenvatting: Het optreden van 'neo'-verschijnselen geeft aan dat een samenleving zich niet thuisvoelt in de cultuur die zij zelf heeft gecreŽerd. Men zoekt de vermeende warmte van het verleden. Dat geldt voor meubel- en bouwstijlen, dat geldt ook voor de filosofie.

Het is altijd een teken van verlegenheid met de eigen tijd en zijn voortbrengselen, dat mensen oplossingen gaan zoeken in het verleden. En hoewel de toen voorgedragen oplossingen op Ė naar men mag aannemen Ė goede gronden zijn verworpen, is er toch de neiging om het gedachtengoed van vroegere filosofen opnieuw ter hand te nemen, in de hoop iets te vinden dat behulpzaam kan zijn in de actuele situatie. De verlegenheid is er vooral op het gebied van de kenleer, de epistemologie: hoe krijg ik ware en betrouwbare kennis. Het oppervlakkige positivisme van Auguste Comte, dat vooral in de wetenschap als een schijnbaar onaantastbare waarheid fungeert, biedt geen enkel uitzicht op het gebied van de kenleer. En, zoals Francis Schaeffer zegt: ďUnless our epistemology is right, everything is going to be wrongĒ (introductie van: He is there and He is not silent). Het was dus wel goed gezien van de 20e-eeuwse filosofen om de oplossing van de problemen in de filosofie dŠŠr te beginnen.

    Kant en Hegel hebben daarover zeer uitgebreid en diepgravend geschreven en op deze denkers grijpt men terug in het neo-kantianisme en het neo-hegelianisme. En vooral de kenleer van deze denkers wordt opnieuw bestudeerd. Men heeft het idee, dat als je dat eerst maar eens volledig helder hebt, de andere aspecten van de filosofie wel weer aan bod zullen komen. Maar dat bleek een valse hoop te zijn. Deze 'neo'-filosofieŽn zijn geruisloos van het toneel verdwenen.

    In Zuid-Europa en Duitsland probeert men het tij te keren door het denken van Thomas van Aquino opnieuw te bestuderen en daarin aanzetten te vinden voor het vraagstuk van de verhouding tussen theologie en (andere) wetenschappen. Dit neo-thomisme vindt (of: vond?) men hoofdzakelijk in rooms-katholieke kringen van denkers en theologen.

    In Nederland poogt Dr. Kuyper het denken van Calvijn nieuw leven in te blazen en dit denken geschikt te maken voor de 20e eeuw. Hoewel met groot elan gebracht, was het toch maar een kort leven beschoren. Dat is te verklaren. Het denken van Calvijn was sterk beÔnvloed door Augustinus en de scholastiek. Die platonische tweedeling en het grote vertrouwen in de menselijke redeneerkunst kwamen via Calvijn in de gereformeerde theologie terecht en via Kuyper dus in het neo-calvinisme. Bovendien was Kuyper sterk beÔnvloed door Kant en Hegel. Hij zag de problemen wel, hoopte dat opvolgers de handschoen zouden opnemen, maar achtte zich zelf o.a. door zijn achtergrond niet in staat om met steekhoudende oplossingen te komen. Het bolwerk van het neo-calvinisme, de Vrije Universiteit, ging dan ook al snel door de knieŽn voor de overmacht van het moderne denken, waartegen het geen fundamenteel verweer had.

    Het meest direct heeft het neo-positivisme te maken gehad met de crisis in de kenleer. Hiertoe behoren een aantal filosofen, die verenigd waren in de zgn. Wiener Kreis. Wittgenstein was ťťn van hen. We zagen al hoe hij zich zette tot een nauwkeurig definiŽren van de begrippen, die in de filosofie een rol spelen. Wat wilde nu dit neo-positivisme? Wel, het positivisme van Auguste Comte vonden zij te naÔef. Je kon niet zomaar zeggen: ďhet object is daar, ik bestudeer het en dus vergaar ik kennisĒ. Nee, die kennis moet volledig in te passen zijn in de moderne logica. Deze stroming bemoeit zich dus vrijwel niet Ė en met betrekking tot verschillende beoefenaren: in het geheel niet Ė met de andere aspecten van de filosofie, met name de metafysica, het vraagstuk van het zijn. De algemene opvatting is, dat wat niet logisch gedefinieerd kan worden, ook geen onderwerp van kennis kan zijn. En zo blijft deze tak van filosofie gevangen in een onderverdieping zonder uitzicht. Voor het bestaan van vooronderstellingen, die het filosoferen fundamenteel richten en beÔnvloeden, is ook hier geen oog.

free web hit counter